Categorie archieven: Sport

Dommelloop in Neerpelt

Met amper éénmaal gelopen deze week en dan nog met lichte pijn aan de knie verschijn ik aan de start van mijn tweede veldloop. Vrij snel na aankomst in Neerpelt, warm ik samen met Tobi op voor de SACN Dommelloop 2017.

De tempoloop van vrijdag verliep zonder noemenswaardige problemen alhoewel ik nog steeds iets voelde, maar niet genoeg om in de zetel te houden. Ruim op tijd rijd ik samen met Tobi naar het Dommelhof in Neerpelt, of is het nu al Pelt? Als enige deelnemers van DCLA Leuven, kunnen we gelukkig gebruik maken van de tent van DCLA Halen. Echt gelukkig, want na een lichte regenbui, begint het zelfs te hagelen en wordt de grond alleen maar natter en ook vettiger.

Samen lopen we een A- en een B-ronde om het parcours te verkennen en als initiële opwarming. Op dat ogenblik ligt de ondergrond er nog perfect bij en voorspelt dit een snelle veld-/bosloop. Na deze korte opwarming kunnen we onze jas al aan de kant laten en lopen samen een grotere C-ronde als effectieve opwarming, van Tobi. Hiermee wordt het voor mij snel duidelijk waarom dit een zwaardere wedstrijd genoemd wordt Er moeten meerdere korte, maar steile klimmetjes verwerkt worden. Na de hagelbui liggen er alsmaar meer drassige stukken en kan je er nog moeilijk langslopen. Het wordt dus toch een echte veldloop, maar dan eentje tussen de bomen van het Dommelhof.

Na de specifieke opwarmingsoefeningen maakt Tobi zich klaar voor zijn wedstrijd. Ondanks de koude en natte wind loopt hij enkel in singlet. Ik zorg er dan wel voor dat hij zijn laatste warme shirt pas moet uittrekken net voor de start. Zijn ambitie is opnieuw een podiumplaats en hierdoor staat hij echt wel nerveus aan de start. Bovendien horen we hier dat er een topper aan de start staat en dat er dus enkel nog voor de tweede plaats kan gelopen worden. Hopelijk lukt het.

Bij de start is hij niet echt met de eerste weg en gaat ongeveer als achtste de eerste bocht in. Na de kleine rond hangt hij op een vijfde stek. Hopelijk heeft hij goed gedoseerd en kan hij zijn ambitie waarmaken. Ik moet wachten tot na de grote ronde eer ik hem opnieuw zie. De favoriet komt inderdaad ruimschoots voor de tweede aan. Na even wachten zie ik Tobi als tweede aankomen!! Tweede podiumplaats op twee wedstrijden!!

Na de euforie is het tijd dat ik aan mijn wedstrijd begin te denken. Gelukkig blijft de tent van DCLA Halen staan voor de niet-jeugdige veldlopers. Ondanks het koudere weer, 5°C, kies ik er toch voor om ook in singlet te lopen en zonder handschoenen. Het kan raar lijken, maar de enige plaats waar je tijdens het lopen koud kan krijgen is aan de handen. Het is intussen gelukkig droog en bovendien lopen we minder dan een half uur. Dat moet zonder handschoenen dus wel lukken.

Als opwarming loop ik nog twee keer de grotere C-ronde en besef hiermee des te meer wat het betekent om telkens die beklimmingen te doen. Intussen leer ik mijn collega’s van DCLA Halen kennen en krijg nog enkele tips mee. Daarna is het mijn beurt om aan de start te verschijnen. Ook hier starten de juniors samen met de masters en in dit geval zelfs met alle masters, ook de 50-plussers. Met een dergelijk grote groep starten is niet evident. In de eerste bocht heb ik dan ook niet de positie die graag gehad zou hebben. De plaats of rangschikking is voor mij niet van belang, maar de snelheid die ik kan lopen, zou ik mogelijk moeten zijn. Er moet dus snel ingehaald worden.

De eerste ronde loop ik echt al heel intensief, hopelijk kan ik dit nog drie ronden volhouden. Bovendien besef ik opeens waarom er langere spikes bestaan. De ondergrond is op sommige plaatsen zo drassig dat ik zelfs met spikes wegglijdt. Wie had dat gedacht? De voeten zijn al nat, maar daar heb ik gelukkig niet te veel last van. In de tweede ronde is het inhalen voorbij en is de enige zorg om niet meer ingehaald te worden. Liefst zou ik zelf nog iemand inhalen. Dit laatste lukt niet meer. De enige opgave blijft nu om degene die net achter mij loopt niet meer te zien. Hij mag eventueel nog hoorbaar -want hij hijgt duidelijk ook- achter mij lopen; ik zou hem niet graag in mijn gezichtsveld (en dus voor me) zien lopen.

    

Het duurt tot halfweg de laatste ronde eer hij echt het spoor moet lossen. Anderzijds word ik toch nog door iemand anders ingehaald en moet ik dus toch nog een plaatsje vrijgeven.

Tijdens deze vier ronden of 6850m heb ik niet alleen het beste van mezelf gegeven. Tobi heeft (volgens mij) meer dan zijn best gedaan om te supporteren voor zijn papa. Niet minder dan drie keer per ronde stond hij mij aan te moedigen! Zoiets doet deugd. Spijtig genoeg kon ik de lopers voor me niet meer bijhouden ondanks hij me telkens vooruit schreeuwde. DANK JE, Tobi!!

 

Met deze inspanning zie ik mezelf op de 15de plaats staan in de uitslag van alle masters. Wat dit exact betekent voor de +45-ers, weet ik niet, waarschijnlijk 5de.

Uitslag Min05 Heren
Uitslag Masters Heren

 

Na de rust, opnieuw het werk hervatten

Vorige week maakte ik melding van een opkomende blessure aan mijn linker knie en onmiddellijk bouwde ik een kleine week rust in. Na de langere duurloop op zondag duurde het tot vrijdag eer ik opnieuw de loopschoenen aantrok.

Op vrijdag stond het jaarlijks etentje van de brokkenlopers geprogrammeerd en een etentje wordt steevast voorafgegaan door een loopje. Het is vrijdag en dus wordt er een duurloopje gedaan. Zonder te kiezen voor een alternatief parcours vertrekken we met velen voor de traditionele wintertoer. We zijn duidelijk met meer starters dan gewoonlijk. Het etentje van vanavond zal er zeker iets mee te maken hebben.

Vaak wordt er vrij snel gelopen en ook ik doe er aan  mee, in de mate van het mogelijke. Dit keer wil het minder intens houden en zal des te meer naar mijn knie moeten luisteren. Vandaag wijken we er niet van af en valt de groep al snel uit elkaar. Het tempo gaat al vrij snel iets hoger liggen. Hoger betekent nog niet snel, maar als ik niet in de val wil trappen om toch te snel te lopen, moet ik na 7 minuten al enkele lopers laten gaan. Ik houd me in en blijf een stevig, maar niet te snel tempo lopen.

Iets later haal ik een andere loopgroep in en samen met één loper hiervan zetten we ons tempo van 4’20” à 4’30” verder. Halfweg zijn we toch opnieuw met vier en gaat het tempo toch nog de hoogte in. Ditmaal laat ik me wel verleiden en bepaal mee het hogere tempo (+/- 4’00″/km). Tot op het einde blijven we met zijn tweeën het hoge tempo aanhouden waardoor het toch nog een vrij stevige duurloop geworden is.

Hierna is het tijd voor ons jaarlijks etentje en wordt er niet op een calorie meer gekeken. Integendeel, het moet zo lekker maar niet zijn.

 

Is vier maal per week opeens te veel?

Deze week liep ik vier keer, met een +30K op zondag, maar dit blijkt te veel. Liep ik teveel kilometers of te intensief?

Na de veldloop van vorige zondag had ik de smaak opnieuw goed te pakken. De zin in lopen was helemaal terug en daarom wachtte ik niet langer en ging daags nadien, op maandag al een duurloopje doen. Ondanks het tijdsgebrek tijdens de lunchpauze maakte ik toch nog tijd vooraleer naar huis te gaan. Ik kon dus nog net voor de duisternis een aangenaam loopje doen richting The Shelter in Vaalbeek. Met slechts 3%  <140 hs/min kan je dit niet echt een rustig duurloopje noemen. De snelheid lag nochtans niet al te hoog, maar de hartslag duidelijk wel.

  

Woensdag is het 1 november en op dergelijke feestdagen is er slechts een beperkte training bij DCLA. De brokkenlopers zetten dan maar een duurloopje langs de wintertoer op het programma. De overgang van zomer naar winter zorgt telkens voor dilemma’s in kledijkeuze: korte of lange broek, dunne of dikkere shirt, … ? Reeds vrij snel na de gezamenlijke start lopen Davy en ik iets sneller. We spreken af om aan 4’20”-4’25” min/km te lopen. Voor mij is dit niet echt rustig, maar wel goed haalbaar. Met een gemiddelde hartslag van 150 hs/min is dit toch wel eerder een tempo-duurloop dan een duurloop. Toch verliep het allemaal vrij vlot en kwam ik nergens in ademnood.

  

Het is verlof en na een echte luie dag op donderdag en vrijdag wordt er toch getraind op vrijdagavond. Dit keer is het niet anders en lopen we de wintertoer, opnieuw. Met dezelfde type outfit maar met toch iets frisser weer, zal het ook vandaag wel lukken, ook al lopen we iets rustiger. We starten inderdaad heel rustig. Na iets minder dan 2km stelt Davy voor om de snelheid wat op te drijven. Er wordt geen tempo afgesproken en daarmee is hij weg, enkel Stijn volgt. Onmiddellijk hang ik 5m achter en dit gat krijg ik zelfs nooit dichtgelopen. Tot op 2,5km van het einde blijf ik hen op meters achtervolgen. Vanaf dan wordt de afstand steeds groter. De helling van de Schoolbergenstraat en verder voorbij het provinciaal domein zijn er teveel aan. Ik krijg het tempo niet meer onder de 4’00” min/km. Deze loop ligt hiermee dichter bij wedstrijdniveau dan tempoloop.

  

Hierna moet ik zeker een rustdag inlassen en wordt het tijd om nog eens aan de basis te werken met een LSD (long slow distance). Mijn eerste plannen om nu zondag al opnieuw het veld in te duiken berg ik dus maar op en plan enkel een zondagse duurloop. Het weer is echt wisselvallig en fris. Het wordt dus een eerste keer lopen met lange broek (dun). Ondanks het zonnetje voelt het toch maar fris. Met wat rugwind en in de zon verlopen de eerste kilometers perfect. Het tempo ligt net boven de 4’40” en toch kan ik de hartslag onder de 140 hs/min houden. Zelfs wanneer ik opnieuw in westelijke richting loop en de wind tegenwerkt blijft mijn tempo stabiel. Het hoofd daarentegen raakt leeg en ik denk er zelfs aan om te stoppen. Net op dat moment begint het te regenen en moet ik voorover hangen om een evenwicht te zoeken tegen de wind in. Ik krijg het koud en mijn handen smeken om handschoenen. Natuurlijk voel ik nu net ook een lichte pijn aan de buitenkant van mijn linker knie. Toch maar niet stoppen en gewoon doorlopen. De regen houdt gelukkig op en het zonnetje komt er zelfs opnieuw door; alleen de knie blijft me parten spelen. De laatste kilometers worden zelfs een lijdensweg. De snelheid en hartslag blijven vrij stabiel, maar het wordt enorm lastig om vol te houden.

Hierna is het tijd om languit in de zetel te gaan liggen en te kijken naar de NYC Marathon met o.a. Koen Naert, Manuela Soccol en de gebruikelijke toppers, zoals Keitany, Flanagan, Kipsang, …

  

De pijn in de knie blijft, zelfs na een nachtrust blijft de knie pijn doen. Dit is balen en hopen dat de pijn snel verdwijnt.

Veldloop in Leuven (DCLA)

Van primeurs gesproken: mijn allereerste veldloop wordt de eerste veldloop van DCLA in de recente geschiedenis.

Vanuit de club verwachten ze natuurlijk een grote opkomst van eigen atleten. Vooral de jeugd krijgt de uitdaging om met meer dan 100 atleetjes aan de start te verschijnen. Wij zijn alvast van de partij al zal het maar met één deelnemer zijn, Tobi. Tibo ligt namelijk in het gips en is weliswaar aanwezig, maar dan enkel als toeschouwer.

Tobi loopt er al enkele dagen heel zenuwachtig bij. Hij droomt van een podiumplaats, ook al is hij daar vorig jaar, in Vlaams-Brabant niet in gelukt. Voor mij telt enkel zijn prestatie. Het hangt dan niet van hem af op welke plaats hij eindigt, als hij maar het beste van zichzelf gegeven heeft. Hij houdt zijn zenuwen amper de baas en dit uit zich in wat hij mag/moet/kan eten tot met welke lengte van spikes er gelopen wordt. Ruim op tijd zijn we aan de DCLA tent en kan hij samen met de clubgenoten aan de gezamenlijke opwarming beginnen.

De wedstrijd zelf verloopt zoals het hoort. Hij vertrekt niet té snel, ongeveer als achtste en halfweg passeert hij me als vierde. Nu is het kwestie van focussen en volhouden. Aan het keerpunt, na drie kwart wedstrijd kan hij zijn voorligger inhalen en heeft zo een podium-plaats op zak. Gelukkig kan hij dit volhouden tot aan de eindmeet. Daar worden de drie eersten als echt VIP’s begeleid naar het podium, waar ze eerst nog een flesje water krijgen vooraleer de verdiende medaille overhandigd wordt door de voorzitter van DCLA.

Een goede twee uur na de start van de miniemen staat de start van de masters geprogrammeerd. Na lange twijfel besluit ik toch maar mee te lopen. Ik heb geen enkel excuus meer om niet mee te lopen. Gisteren, daags voor de wedstrijd, ben ik nog mijn spikes (schoenen) gaan kopen bij Running Center in Leuven.  Na een deskundige uitleg en verschillende schoenen gepast te hebben, kies ik voor deze: Saucony Kilkenny.

Met enkele brokkenlopers willen we deze DCLA-veldloop niet missen. Jeroen had er zelfs al een marathon opzitten en kwam zo goed als rechtstreeks naar de veldloop. Ieder warmt op zijn manier op maar toch allemaal minstens een keer het parcours verkennend. Na mijn verkenningsrondje twijfel ik zelfs of ik wel met de nieuwe spikes ga lopen. Ondanks de regen van afgelopen nacht ligt het parcours er droog bij. Zou ik niet beter lopen in mijn trailschoenen?

Uiteindelijk laat ik mij door de ‘specialisten’ overhalen om toch met spikes te lopen. En waarom niet? Ik ben ze speciaal voor vandaag gaan kopen en moet er toch ooit eens mee lopen. Vooraleer te starten loop ik nog wat kleine rondjes over het gras en voel dat de spikes perfect aanvoelen. Het zijn natuurlijk geen dikke dempende schoenen, maar het gevoel is aangenaam. Hiermee moet het zeker lukken.

Als Master van net geen 50 jaar start ik samen met de masters van 35-50 jaar én de juniors (17-18 jaar). Mijn doel is een goede race lopen, zonder te vallen en zonder echt stil te vallen. De start is al een moeilijkheid op zich. Met de eerste starten is geen goed idee, maar helemaal achteraan starten nog minder. Het wordt dus proberen door te lopen, zonder ingesloten te zitten. Dit lukt aardig ook al moet de eerste kleine ronde enkele keren inhouden vooraleer te kunnen inhalen. Op sommige plaatsen is de doorgang niet geschikt om te passeren.

Van een plaats of rangschikking is het helemaal gissen. Geen enkel idee heb ik op welke plaats ik ergens hang. Gelukkig, hiervoor dan toch, is er een keerpunt en kan ik zien waar de snellere masters ergens lopen. Davy loopt nog steeds niet té ver voor me uit en dus ben ik zeker dat ik ook goed in het ritme zit.

De kilometertijden blijven onder de 4 minuten en hiermee ben ik echt tevreden. Bovendien kan ik nog steeds af en toe iemand inhalen en dat geeft me vertrouwen en de moed om niet te verzwakken.

Uiteindelijk kom ik een dikke halve minuut na Davy aan en maar net achter Tom (van DCLA Halen) en ben dus toch tevreden van mijn eerste veldloop. Op de uitslag is het nog wat wachten, maar met een 12de plaats van de 34 masters ben ik zeker niet ontevreden. Bovendien moet ik de specialisten gelijk geven: een veldloop doe je best met spikes. Je hebt veel meer grip, vooral in de (scherpe) bochten en op afdalingen en hellingen.

Na de wedstrijd word ik onmiddellijk opgevangen door mijn trouwste supporter. Na wat uithijgen, kunnen de tactische nabesprekingen beginnen met de collega’s.

 

 

Uitslag veldloop DCLA

Intervaltraining, start van het winterseizoen

Na de rustige week probeer ik deze week opnieuw een normaal ritme aan te nemen. Dit betekent dus ook de trainingen met de Brokkenlopers van DCLA op woensdag en vrijdag en een langere duurloop in het weekend.

De week begint al met een rustdag, na de langere duurloop van zondag die nog steeds niet verliep zoals ik zou willen. Op dinsdag trek ik me wel weer op gang al is het niet met veel enthousiasme. Toch maak ik er geen rustig middagloopje van, maar leg er een stevig tempo op. De eerste kilometers lijken langzamer, maar dat zal wel aan de GPS liggen, denk ik. De hartslag neemt gestadig toe en na iets meer dan 2K bereik ik al de 170 hs/min. Veel te hoog. Dit is helemaal geen wedstrijdtempo en toch deze hartslag. Te weinig slaap is duidelijk nefast voor een goede hartslag. Of zijn er nog andere redenen?

Tempo op dinsdag:   

Opnieuw een slechte planning. Wie doet er nu tempowerk daags voor een intervaltraining? Ik zou toch eens een schema moeten maken en volgen. Hopelijk heb ik er woensdagavond niet te veel last van en kan ik de intervaltraining goed afwerken.

Woensdagmiddag krijgen we van Jeroen, onze coach, het schema van de training doorgestuurd:

Intervaltraining 25 oktober

Door Jeroen

Deze keer gaan we na de opwarming (2 zeshonderdjes) heuvelsprintjes afwisselen met omgekeerde piramides. Omgekeerde piramides wil zeggen van snel/kort naar traag/lang en terug.

  1. 2x(600-200R) (aan 800m-tempo)
  2. 4 heuvelsprintjes
  3. (300-100R-400-200R-600-200R-400-200R-300-500R)
  4. 4 heuvelsprintjes
  5. (300-100R-400-200R-600-200R-400-200R-300-500R)
    300 en 400 aan 1 à 2″ sneller dan 800m-tempo en 600 aan 800m-tempo

Dit is niet alleen een iets moeilijker te onthouden schema; dit is echt wel een stevige training waar de verzuring de grote uitdager wordt. Maar is dat niet net de bedoeling van een intervaltraining?
De opwarming loop ik samen met Kevin en zonder te forceren loop ik hierdoor toch wel iets sneller dan normaal. De uitleg voor de training vraagt ook iets meer tijd waardoor ik toch voldoende kan recupereren, hoop ik. Na twee rondjes met wat ‘steigerungen’ beginnen we aan ons echt schema, met 2x600m aan 800m-tempo. Voor mij zou dit neer komen op 21″/100m of 3’30″min/km. Het lukt me wel, maar mijn hart moet er wel 170x/min voor kloppen; de tweede 600m zelfs nog iets sneller.

Na 4 keer de heuveltjes op te lopen beginnen we aan de eerste sessie van 300-400-600-400-300. Dit keer neemt Davy de kop en lopen we effectief nog iets sneller. De verzuring zet zich verder door. Ik loop eigenlijk iets te snel ondanks ik hem niet meer op de voet volg. Na de volledige sessie heb ik een achterstand van een goed 50m. De tweede keer loop ik waarschijnlijk iets trager de heuveltjes op, mede veroorzaakt door de drukte hier.

De tweede sessie intervallen wordt een lijdensweg. Ik begin hieraan met Davy een eindje voor me uit. Op die manier weet ik dat ik nog steeds ‘goed’ bezig ben. Ik moet niet al te veel prijs geven op hem. Mijn horloge bevestigt mijn snelheid. Deze ligt nu wel effectief lager dan ervoor. Bij de 300m en 400m haal ik nog 21″/100m, mar bij de 600m is het al 21,5. Met nog amper 700m snel te lopen, probeer ik de snelheid bij elke start opnieuw op te bouwen. Toch heb ik voor de laatste 300m nog steeds 1’01″nodig.

Dit is zonder enige twijfel een zware training. Deels heb ik dit aan mezelf te wijten door van bij de start op de limiet te lopen en zo de verzuring al snel op te wekken. Toch is dit (korte intervallen) een training die ik vaker moet doen.

 

 

 

 

Intervaltraining:   

 

Rustige week, van moeten?

Van een rustige week gesproken. Ook al voel ik links en rechts wel iets, toch is het niet echt uit schrik van een blessure dat ik minder loop.

Midden deze week stond er een halve marathon op het programma en hierdoor moest ik dus passen voor mijn midweekse intervaltraining. Hiervoor had ik twee dagen rust genomen, ook al omdat mijn benen niet echt fris aanvoelden. Op woensdag voelden ze wel normaal aan waardoor de halve marathon wel liep zoals gepland, met een PR tot gevolg. Na de marathon maakte ik de fout door geen cooling down te doen en de benen hadden het echt wel nodig.

Daags nadien voelden de benen wel opnieuw ok, maar voel ik toch enkele kleine pijntjes. Voorlopig zeker niets om mij zorgen over te maken. Op vrijdagavond moest ik opnieuw passen voor de training wegens oudercontact in de school van de kids. Overdag lopen op het werk lukte ook al niet. Zaterdag zou een oplossing geweest zijn, ware het niet dat het gezinsleven mij dit verhinderde.

Gelukkig lukte het zondag wel. Op zondag, net na de middag, kon ik wel tijd vrijmaken om mijn duurloop af te werken. De pijntjes waarvan sprake waren voor de start nog wel voelbaar, maar tijdens het lopen verdwenen ze als sneeuw voor de zon. Het goede weer van de afgelopen weken is enkel nog een herinnering, maar toch komt de zon nog steeds vanachter de wolken. Het probleem van de kledijkeuze begint dus ook weer. Ik vertrek toch met korte short, maar met twee T-shirts: eentje met korte en daarboven eentje met lange mouwen.

Het eerste deel voel ik weinig wind, maar zie aan het gras en de bomen dat deze toch aanwezig is, maar van rechts in mijn rug blaast. Door de zon en door de afwezigheid van luchtkoeling lijkt het alsof het zomer is. Toch houd ik mijn dubbele t-shirt aan. Niet veel verder draai ik in de tegenovergestelde richting en zal ik deze waarschijnlijk nodig hebben.

Na 7k draai ik links en loop vanaf hier een 10-tal km in westelijke richting, recht tegen de wind in. En of ik het verschil voel. Het zijn niet alleen de lichte hellingen die me doen vertragen. De zon houdt me hier niet voldoende opgewarmd en dus moet mijn lichaam voor extra warmte zorgen. Het tempo houden is alles wat ik nu nog doe. De hartslag blijft dan niet meer onder de 140 hs/min.

Na 17k wordt het zelfs niet meer evident om deze onder de 150 hs/min te houden. Het wordt dus toch meer dan een rustig duurloopje. Toch gaat de hartslag minder de hoogte in dan vorige week. Er is dan toch wel een verbetering merkbaar. Vorige week had ik waarschijnlijk wel veel te weinig gegeten om 22K te lopen. Vandaag maar een beetje te weinig.

Toch wil ik deze duurlopen in het weekend blijven doen, maar dan liefst met een lagere hartslag, zonder in snelheid te moeten toegeven. Er moet nog veel aan de basis gewerkt worden, dat is zeker.

Duurloop vandaag (22/10):   

zelfde duurloop op 15/10: