Categorie archieven: Sport

Herstelsequoia

Er moet hersteld worden. De wedstrijd van gisteren is nog niet helemaal verteerd.

Gisteren liep ik ‘de bestorming van Alden Biesen‘. Als onervaren loper heb ik niet (genoeg) uitgelopen en voel ik vandaag toch nog de sporen ervan. Vanmiddag mag er dus alleen maar herstellend gelopen worden. Gelukkig heb ik enkele collega’s om me in te tomen.

iets over 12u vertrekken we met zijn drieën voor ons traditionele toertje. Dit brengt ons via het sportkot, het kasteel van Arenberg en het Dijlepad in het bos rond het oude jezuïetenklooster.

We blijven de hele afstand relatief rustig lopen @ 11,5 km/u. Het doet dan ook deugd om zo de week te kunnen starten.

     


 

Mijn bestorming Alden Biesen

De maand december zou een rustige maand worden. Naast de intervaltrainingen staat er ook een wedstrijd op de agenda. Het wordt dus geen rustige duurloop vandaag.

Het kan maar toeval zijn. Mijn kamergenoot tijdens de week van de marathon van New York is de organisator van de bestorming van Alden Biesen. Het kan dan ook niet anders dan dat ik aan zijn wedstrijd deelneem. Het voornemen om in december te focussen op rustig lopen wordt hierdoor niet te niet gedaan. Ik train de laatste weken niet voor een wedstrijd, maar probeer wel wekelijks de intervaltraining met de collega’s van DCLA mee te doen. Benieuwd hoe ik het er vanaf ga brengen.

De start is in de namiddag en hierdoor kan ik nog genieten van een rustige zondagvoormiddag. Mijn middagmaal blijft wel beperkt tot enkele peperkoeken (met pindakaas). Onderweg drink ik wel een halve liter Isostar.  De locatie, kasteel Alden Biesen, is gemakkelijk te vinden. Vanaf de afrit van de autosnelweg staan er toeristische wegwijzers. Bovendien is er een grote parking vlakbij. Binnen in de Tiendschuur heerst er een gezellige drukte, wetende dat de 10k-wedstrijd reeds gestart is.

 

Met het aanbrengen van de borstnummer en de chip ben ik net op tijd klaar om aan mijn opwarming te beginnen. Ik loop toch een drietal km met enkele versnellingen en bereik enkele keren een hartslag van boven de 170 hs/min. Uiteindelijk wordt de eigenlijke start een tiental minuutjes uitgesteld.

Na het startschot loop ik onmiddellijk redelijk vooraan. Net voor me is er een kopgroep van 7 lopers. Hier sluit ik mij toch niet bij aan. Het gaat net iets te snel. Vlak achter mij is er niet  direct iemand. Op dit ogenblik hang ik dus achtste en als ik dit kan houden, ben ik zeer tevreden. De kopgroep loopt stilaan van me weg, maar ook deze groep valt al snel uiteen en de loper voor me blijft wel steeds in mijn gezichtsveld. Als hij iets verzwakt, kan ik hem misschien nog inhalen.

 

De eerste km loop ik zelfs in 3’45” en de tweede km, met de eerste helling in, leg ik af in 4’02”. Dit is duidelijk mijn snelste wedstrijd ooit. Als ik dit maar kan volhouden? De hartslag zit bij het bovenkomen van deze helling al boven de 180 hs/min!! Het zal dus doorbijten worden. De volgende kilometers liggen opnieuw goed onder de 4′, dankzij de afdalingen. De vijfde km, met de tweede helling, wordt toch ook gelopen aan 4’03”, maar opnieuw een piek hartslag van 180 hs/min.

       

Intussen komt er een stekende pijn opzetten onderaan het borstbeen. Het voelt aan als een ‘steek’, maar dan op een andere plaats. Ik concentreer me vooral op mijn ademhaling. Hopelijk gaat de pijn weg als ik diep in- en uitadem. Maar intussen gat de wedstrijd verder en verlies ik wat t.o.v. mijn voorligger. Voor de 8e km, met de derde helling, heb ik al 4’23” nodig. Voorlopig heb ik nog wel voldoende voorsprong op de loper net achter mij, maar we zijn nog maar halfweg!

De vierde helling ligt in de 10e km en deze doe ik in 4’15”. De pijn in de borst is nog steeds niet verdwenen. Ik blijf me focussen op de diepe ademhalingen. Niet alleen de hellingen maken het zwaar; er zijn ook veel onverharde wegen die het lopen moeilijk maken. Intussen kondigt de volgende helling zich aan. Deze vijfde helling ligt in de 11e en 12e km. De snelheid kan ik redelijk aanhouden, deze zakt niet onder de 14km/u. Enkel in de bochten moet ik even inhouden. Ik wil niet opnieuw op mijn bek gaan.

De 14e en 15e km zijn bijna volledig klimmend. Hier wordt het moeilijker. Bovendien komt de achterligger iets korterbij. Ik herinner mij niet echt trager te lopen, maar de cijfers liegen niet: 4’33” en 4’25” voor deze kilometers zijn een pak trager dan de anderen. De laatste kilometer wil ik alles op alles zetten om deze achtste plaats te behouden. Deze wordt dan zelfs gelopen aan een tempo van 3’33” min/km.

Toch houd ik aan de meet maar 6″ over. Een achtste plaats op 247 finishers vind ik meer dan behoorlijk. Bovendien loop ik gemiddeld 15 km/u en dit is ook nog niet eerder gebeurd. Ik ben dan ook zeer tevreden met het resultaat.

     


Nog eens sequoia, maar dan te snel

Vandaag heb ik nog eens de traditionele ronde rond het jezuïetenklooster gelopen. In plaats van herstellend, loop ik toch weer te snel.

Na de intervaltraining van gisteren op de piste van DCLA is het vandaag eigenlijk een rustdag. Door iets te weinig tijd kan ik tijdens de middagpauze niet gaan zwemmen. Het wordt vandaag dus een gewoon loopje.

Iets over de middag kan ik toch nog vertrekken, maar wel met de gedachte dat ik niet al te veel tijd heb en gedoucht moet hebben voor de volgende meeting start. Ligt het aan deze gedachte of aan iets anders, ik weet het niet, maar reeds vanaf de start loop ik al te snel. Ik probeer voorbij de tunnel op de hartslag te letten en verlaag hiervoor het tempo. Snel is duidelijk dat ik de hartslag moeilijk naar beneden krijg. Dit zal waarschijnlijk te maken hebben met de vrij zware intervaltraining van gisterenavond.

Puur uit frustratie loop ik dan maar sneller. De hartslag probeer ik wel binnen de perken te houden, maar toch gaat opeens de snelheid primeren. Vanaf de derde km loop ik boven de 13 km/u. Bij deze snelheid zou ik moeten kunnen blijven lopen. Hiervoor ligt vandaag de hartslag duidelijk te hoog. Gedreven door de tijdslimiet blijf ik toch relatief snel verder lopen. Na het moeilijkste stuk in het bos stijgt de hartslag zelfs ver in de 160 hs/min, met pieken in de buurt van de 170 hs/min.

Ik probeer de snelheid aan te houden zonder een verdere stijging van de hartslag en dat lukt dan weer gelukkig wel. Enkel op de steile klim van de Karmelietenberg gaat mijn tikker nog wat sneller kloppen.

Uiteindelijk leg ik de Sequoia, mijn rondje dat ik intussen al meer dan 100x gelopen heb, af in 37 min. Dit is geen snelste tijd, maar zal wel in de top 5 komen, denk ik.

De volgende dagen wordt lopen moeilijk in te plannen, maar zondag is er wel ‘De bestorming van Alden Biesen’. Deze ’10 miles’ wordt gelopen met als centraal punt de heuvel van het kasteel waar je niet minder dan 6 keer oploopt. Benieuwd wat ik daar kan betekenen.

     


 

Aan de snelheid werken

Op woensdag staat er steeds een training met de brokkenlopers op het programma. Dit keer heb ik geen excuus en ben dan ook blij om nog eens aan mijn snelheid te kunnen werken.

Alvorens met de training te starten, wordt er eerst opgewarmd op de weg en op de piste. Het eerste gedeelte bedraagt een goeie 5K op de weg. Ondanks een vrij normale snelheid de eerste kilometers, klok ik de vijfde kilometer af na exact 22 min. Dit is dus echt wel snel. Ik was iets te licht gekleed, maar het zweet moet me toch doen afkoelen. Het is dus alweer een stevige opwarming geworden. Na een korte uitleg over het schema hieronder, lopen we nog enkele rondjes met korte versnellinkjes.

Opnieuw beginnen we (om op te warmen) met zeshonderdjes. Daarna de klassieke heuvelsprintjes en dan wagen we ons aan “ingedeelde achthonderdjes”.

  1. 3 à 4 x (600-200R) (800m-tempo)
  2. 4 heuvelsprintjes, van rustig naar snel
  3. 3 à 4 x (400-200-200-400R) (400m aan 800m-tempo, 200m rollen (duurlooptempo) en 200m 1 à 2″/100m sneller dan 800m-tempo)

De vraag blijft voor mij nog steeds aan welke snelheid ik deze kan en moet lopen. Vorige week ging het vrij goed en dus probeer ik nu vanaf de eerste 600m mijn snelheid te lopen. Het gevoel zal mij wel sturen. De eerste 600m loop ik, na een iets te snelle start toch vrij constant in 2’11” (=21,5″/100m). Na amper 200m rust, start ik opnieuw en dit keer in 2’12”. Na twee keer ben ik het afgeleerd om iets te snel van start te gaan en loop ik de 600m in 2’09” en 2’10”.

Hierna volgen de vier heuvelsprintjes, telkens iets sneller. Ook hier blijf ik redelijk doorgeven, met achtereenvolgens een hartslag van 164, 169, 174 en 174. Telkens loop ik toch tegen de limiet aan. Na de laatste afdaling loop ik opnieuw naar de piste voor de 4 x gesplitste 800m. Benieuwd wat dat gaat geven.

Deze gesplitste 800m wordt gelopen zoals hierboven beschreven. De eerste 400m loop ik in 1’26”. Bij de 200m rollen blijf ik toch 4’30” min/km lopen. De laatste 200m probeer ik effectief iets sneller te lopen en ik kom uit op net geen 42″. Gelukkig kan ik hierna 400m ‘rustig’ lopen om wat te bekomen. Dit scenario moet dus nog 3 keer afgelegd worden. De tweede 800m wordt net iets sneller afgelegd, zijnde 1’25” voor de eerste 400m en net geen 41″ voor de afsluitende 200m. De derde verloopt identiek aan de eerste.

De laatste 800m probeer ik er nog eens alles uit te halen. Na 1’23” klok ik af op de eerste 400m en na een 200m (in 50″) loop ik de laatste 200m in een goede 40″. Bij deze laatste 4 x 800m blijft de maximale hartslag hangen op 176 hs/min. Het is alsof ik er niet meer over geraak.

Al bij al was dit toch een pittige training en het uitlopen is dan echt wel nodig. Na vijf rondjes over het gras, net binnenkant piste, rond ik deze training af in de Elfkamper.

     


 

Rustig duurloopje op maandag

De werkweek is nog maar net begonnen, maar dit belet me niet om ’s middags een duurloopje te doen.

Mijn vorig duurloopje is nog maar van gisterenavond, amper 18u, geleden en we hebben opnieuw de loopschoenen aan. Vandaag staat er een rustig duurloopje op het programma. Om te verhinderen dat ik er weeral te snel van doorga, loop ik vandaag niet alleen. Als ik met iemand samenloop, kan ik wel een rustig ritme aanhouden. Bovendien is het lopen met twee of meer veel leuker, zeker in goed gezelschap.

Met een snelheid rond de 11 km/u kan ik mijn hartslag veel beter onder controle houden. Het lukt me zelfs om deze onder de 130 hs/min te houden. Op de hellingen loop ik wel met een iets hogere hartslag, maar nog steeds onder de 140 hs/min.

2016-12-05

Bij de terugkeer richting Leuven gaat het iets meer dalend dan stijgend en dan blijft mijn hartslag zelfs onder de 125 hs/min, ondanks de koude. Intussen neemt de druk op de blaas toe en zou ik liefst stoppen, maar daar is het echt wel te koud voor. Rustig doorlopen en er niet te veel aan denken is de boodschap.

Eindigen doen we, zoals steeds, met de Karmelietenberg. Zelfs hier kan ik de hartslag onder de 145 hs/min houden. Het is dus zeker geen PR op Strava, maar misschien wel een PR van de laagste hartslag op dit stuk.

Movescount_logo     strava


 

Duurloop in het weekend, geen evidentie

In de meeste trainingsschema’s staat het weekend met stip genoteerd om een duurloop te lopen. De meeste mensen hebben tijdens de week te weinig tijd om langere duurlopen te lopen. In de winter is dit nog meer het geval. Bij mij is dat niet anders.

Dit weekend begon al anders, omdat op vrijdagavond het bezoek van Sinterklaas voorrang kreeg op mijn eigen duurloop. Gelukkig had ik dit voorzien en kon ik op vrijdag voormiddag al wat lopen. Omdat er niet op vrijdagavond gelopen werd, kan er gemakkelijk op zaterdag gelopen worden. Ook hier speelde de goedheilige man mij parten. Op zaterdag kon er dus ook al niet gelopen worden. Op zondag dan maar.

Zondagmorgen werd er effectief gelopen, maar niet door mij. Vanaf ’s morgens begaven wij ons richting Wespelaar voor de veldloop van ROBA. Neen, ik waag me (nog) niet aan deze veldlopen, maar mijn kids staan er wel aan de start. Met een vijfde en elfde plaats hebben zijn dit schitterend gedaan. Nadat de jeugd alle wedstrijden gelopen had, kon ik de DCLA-tent opnieuw opruimen. De volgende afspraak vindt plaats in Tremelo. Naar gewoonte is er de eerste zondag van december modeshow van Bobo. Zoals steeds ben ik ook dit keer weer van de partij als fotograaf van Missitems. Foto’s volgen weldra.

In plaats van in de VIP-tent lekker te gaan eten, kies ik er vandaag voor om sneller naar huis te rijden. De zon is al ver gezakt en het zal snel helemaal donker worden. Thuis verlies ik niet te veel tijd en
kleed me om in winteroutfit met verlichting. Zowel op de armen als

op  de borst en rug draag ik verlichting. Ik heb er geen foto van gemaakt, maar wees er zeker van dat ze me gezien hebben. Zeker op de kleine, smalle wegen is dit een minimum vereiste.

Ondanks het rustige tempo en het schitterende avondlicht, niet het mijne, is mijn hoofd niet ontspannen. Enkele organisaties van de afgelopen dagen en weken en vooral sommige commentaren die je enkel via via hoort, blijven door mijn hoofd spoken. Ondanks de constante snelheid van 12 km/u blijft de hartslag vrij hoog. Tijdens de afdaling blijft deze nog steeds in de buurt van de 140 hs/min en op de hellingen (ook aan 12 km/u) stijgt deze tot boven de 150 hs/min.

Na iets meer dan een uur besluit ik maar huiswaarts te keren. Het kan zeker geen ontspannend loopje genoemd worden. Thuis wacht een goede warme douche en warm avondeten. Dat zal veel ontspannender zijn.

Movescount_logo     strava