Categorie archieven: Sport

Linden Bosloop 2016

Deze zondag is er de tweede editie van de Linden Bosloop. Deze loop maakt deel uit van de Marathon van Lubbeek. Na de 2-dorpenloop van afgelopen vrijdag (12/132) staan de verwachtingen toch wel hoog gespannen. Net als dit jaar liep ik een marathon in april, maar vorig jaar had  ik er wel wat last van en behaalde een 50ste plaats met een gemiddeld tempo van 4’37”. Beter doen dan vorig jaar is dus wel het minste.

Dit jaar is het parcours aangepast, waardoor het niet alleen langer is (van 13,1 km naar 14 km) , maar ook zwaarder, lees: meer hoogtemeters (van 177m naar 220m). Gelukkig heb ik helemaal geen last gehad van de wedstrijd van afgelopen vrijdag. Gisteren heb ik niet alleen een hele dag recht gestaan tijdens een Lacrosse-tornooi in Machelen. ’s Avonds was ik op een verjaardagsfeestje waar ik niet alleen genoeg gegeten heb, maar zeker ook genoeg gedronken. Sinds mijn ervaring in Rotterdam, doe ik voor een wedstrijd zo normaal mogelijk.

Op zondag, wedstrijddag, was echt uitslapen geen optie. Hopelijk heb ik toch voldoende nachtrust gehad. ’s Middags eet ik alvast niet al te veel om niet met een opgeblazen gevoel aan de start te staan. De start is op slechts enkele 100m van de deur en dus moet er niet geen auto of fiets gebruikt worden; we gaan gewoon in de juiste loopkledij te voet naar de start. Hiervoor gebruiken we zelfs een stukje van het parcours en worden ingehaald door enkele trailrunners. Zij zijn respectievelijke om 10u (45K) en om 12u (25K) vertrokken en komen nu volop aan.

De sfeer rond de start en finish is optimaal. De organisatie is goed voorbereid. Er kan vlot ingeschreven worden en diegene die vooringeschreven zijn kunnen hun nummer onmiddellijk afhalen. Na de drie nummers op de juiste shirts te hangen, kan Tobi zich gaan opwarmen. Hij loopt de 4 km, in tegenstelling tot zijn tweelingbroer Tibo die gekozen heeft voor de 7 km. Samen met Tibo warm ik mij op langs de eerste kilometers van het parcours. Na 3 km en enkele versnellingen zijn we klaar voor onze wedstrijd. Net op dat moment komt de eerste (Wouter Lammens) aan als overwinnaar van de 4 km. Niet veel later komt Tobi ook al aan. Hij is 6de. Als 11-jarige is dat helemaal niet slecht. Hij heeft zijn heuvelachtige 4K afgelegd in 17’54” of 13,4 km/u.

Intussen begeven Tibo en ik ons naar de start. Ik zet me op de tweede of derde rij; Tibo zet zich helemaal vooraan. Na de start duurt het zelfs een hele tijd eer ik hem inhaal, ondanks een eerste kilometer aan 3’55”!! Mijn hartslag bereikt al heel snel de 160 hs/min, maar blijft daar toch wel hangen. Het is echt proberen om de snelheid aan te houden zonder te forceren. Voor mij lopen enkele bekenden en die wil ik zeker niet te ver voor me laten uitlopen. De eerste ronde kan ik zelfs regelmatig iemand inhalen. De motivatie om me niet opnieuw te laten inhalen is dan ook groot.

De tweede ronde kan ik het tempo vrij goed aanhouden. Je voelt dat je echt uitgeput bent, maar toch blijft de snelheid houdbaar. Een hele tijd loop ik precies alleen. Ik hoor of zie niemand. Pas in het tweede deel van de tweede ronde zie ik een geel t-shirt voor me. Opnieuw een doel !! Het lukt me om hem net voor het verlaten van het bos in te halen. In de Kortrijkstraat en Prinsendreef blijft hij vlak achter mij hangen. Er staat een stevige wind en beschutting zoeken, is zeker geen slecht idee. Het einde van de Prinsendreef is vrij steil en daar moet hij toch lossen. Intussen zie ik opnieuw iemand voor me uitlopen, maar die zijn te ver. Ondanks een heel stevig einde lukt het me niet om ze nog in te halen.

Na 59:45″, binnen het uur (!) loop ik over de finish. Het ging uiteindelijk vrij goed en zelfs onmiddellijk bij aankomst kan ik nog normaal praten. Het is ooit anders geweest. Twee wedstrijden lopen op één weekend heb ik nog nooit eerder gedaan, maar zelfs dat is meegevallen. Kortom: een geslaagd sportief weekend.

Uitslag 4K (Tobi, 6/96)
Uitslag 7K (Tibo, 20,126)
Uitslag 14K (Werner, 14/108)

Movescount_logo     strava

 

2-dorpenloop Waanrode

Deze vrijdag is toch wel iets anders dan de andere vrijdagen. Niet dat er deze week niet gelopen wordt, integendeel. Het is wedstrijddag. De laatste weken loop ik mijn wekelijkse duurloop samen met de brokkenlopers en dit is telkens al heel intensief geweest; het is dus eigenlijk een wedstrijdsimulatie. Vandaag een wedstrijd lopen op ongeveer hetzelfde uur, zou geen probleem mogen zijn.

Om 17.45u vertrekken we samen met de kids naar Waanrode, deelgemeente van Kortenaken. Hier organiseren de  vrienden van DCLA Halen de jaarlijkse tweedorpenloop. Er is voor elk wat wils. Tibo en Tobi kiezen hier beide voor de 5K. Dit zijn twee rondjes van elk 2,5km. Spijtig genoeg kan ik hier niet naar blijven kijken.

Gezien het een twee-dorpenloop is, worden de lopers eerst met bussen naar het andere dorp gebracht: Glabbeek. De wedstrijd is een loop van iets meer dan 10K, gaande via kleine wegen, van de sporthal van Glabbeek naar de sporthal van Waanrode. De voornaamste richting is naar het noorden. Spijtig genoeg komt de wind uit het noordoosten en zal deze de wedstrijd iets zwaarder maken, om nog maar te zwijgen van het glooiend landschap.

Zoals een echte atleet, begin ik tijdig aan mijn opwarming. Een vlug geïmproviseerd plaatselijk rondje zal hiervoor gebruikt worden. Ik ben hier duidelijk de enige niet. Tijdens dit kort loopje (2,5km) doe ik een aantal versnellingen, zodat de hartslag regelmatig wat hoger komt en het lichaam en spieren goed opgewarmd zijn. Het zweet heeft zijn weg naar buiten al goed gevonden. Er blijft nog net genoeg tijd over om vlug wat te verfrissen en een beetje water te drinken.

Na het verrassende fluitsignaal beginnen we aan de loopwedstrijd. Na minder dan 300m bedraagt mijn hartslag al meer dan 160 hs/min. Het wordt dus opletten om niet te vlug van stapel te lopen en me te pletter te lopen. Ben, ook een brokkenloper, loopt iets voor me en hem probeer ik toch niet te ver vooruit te laten lopen. Ik zou zelfs graag voor hem eindigen. Na één kilometer bedraagt mijn tussentijd 4’10” en dat op een licht stijgende weg. Als dat maar niet te snel is?

Ik probeer de inspanning op dit niveau aan te houden. Ik blijf in ieder geval in de buurt van Ben. Na enkele kilometer passeer ik hem zelfs. Nu is het van belang om de rest van de wedstrijd voor hem te blijven. Voor mij loopt er dan iemand met een blauw t-shirt en hem probeer ik in het vizier te houden. Het voelt wel al heel snel aan dat hij deze snelheid ook gaat aanhouden. Inhalen zal dus moeilijk zijn.

Enkele kilometer voor het einde zie ik in de verte nog iemand lopen. Onmiddellijk ben ik ervan overtuigd dat ik mij moet focussen om deze laatste en niet meer op de persoon met het blauwe t-shirt. Stilaan komen we effectief korter, zonder dat ik korter kom bij de persoon net voor me. In de laatste kilometer haalt de loper met het blauwe t-shirt zijn voorganger in. Nu zou ik nog dezelfde klus moeten kunnen klaren. Spijtig genoeg lukt me dit niet meer. De twee personen voor me blijven samen en dus ook voor me.

Mijn (zelf gemeten) eindtijd bedraagt 43’16” voor de 10,4 km. Niet slecht voor mij, al moet ik het zelf zeggen.

Movescount_logo     strava


Zodra de uitslag ergens beschikbaar is, wordt hier een link geplaatst.

Toch een intervaltraining (DCLA)

Deze week is al goed gestart met een duurloop op maandag én op dinsdag, beide met een tussentijdse versnelling. Vandaag is het woensdag en dat houdt in dat er ’s avonds een training van DCLA op de agenda staat. Rekening houdend met de wedstrijden van dit weekend en met de toch lichte pijn aan de patella zal ik het rustig moeten houden.

Ik verkies om de intervaltraining te laten voor wat het is. Het zullen m.a.w. meer kilometers aan rustiger tempo worden. De kinderen, die samen met mij naar de training gaan, willen met de fiets gaan en dus vertrek ik al lopend van thuis uit, onder begeleiding van twee jonge fietsers. Naar schatting zou dit een drietal kilometers moeten zijn, maar met de gevolgde weg staan er, bij aankomst, al 4,3K op mijn teller.

Ik loop dus al zeker niet mee met mijn nieuwe, snellere, groep, maar loop de opwarming mee met de groep van Miel. De training van Miels groep bedraagt 3 x 2000m. Vermits er meerdere van deze groep op vrijdag de wedstrijd in Waanrode (2-dorpenloop) meelopen, moet er niet al te snel gelopen worden vandaag. Om niet alleen rondjes te lopen, besluit ik om deze 3 stukken samen met hen te lopen. De eerste 2K worden inderdaad niet al te snel gelopen.

L. vindt dit ook en hij wilt de tweede dubbele kilometer toch iets sneller lopen. Voor mij mag het ook iets sneller en ik blijf dan wel bij hem. Na amper 100m lopen we effectief met zijn tweeën. De anderen beschouwen dit toch als iets té snel en lopen volgens eigen ‘kunnen’: goede beslissing trouwens. Na een snelle start lopen we de eerste kilometer aan 4’20” min/km. De tweede kilometer wordt min of meer aan dezelfde snelheid gelopen, zijn 26″/100m.

Op het eindpunt draaien we ons om en dribbelen opnieuw naar de start voor de derde interval van 2000m. Zonder te wachten op de rest maken we hier ook een bocht van 180° en beginnen zonder stoppen aan het snellere werk. Opnieuw lopen we met een snelle start een eerst kilometer aan 4’20”. De tweede kilometer wil ik het tempo niet laten zakken, integendeel, ik houd de snelheid er goed in en versnel geleidelijk aan. De versnelling blijf ik volhouden tot op het einde, ook al is L. intussen wat achter gebleven. De laatste snelle kilometer loop ik zelfs onder de 4′ min.

Na deze drie snelle stukken lopen L. en ik nog een rondje rond de grote vijver en het stuk naar de atletiekpiste als cooling down. Hiermee staan er al meer dan 17km om min teller, maar ik moet nog steeds thuis geraken. Na enkele minuten wachten op de kids, loop ik met hen opnieuw naar huis. Het stilstaan zorgt wel voor wat strammere spieren, maar gelukkig gaat dit over na een tijdje. Ik loop intussen toch wel wat sneller dan 13km/u. Dit druist in tegen mijn voornemen om mijn knieën wat te sparen. Hopelijk zijn mijn benen en knieën helemaal fit op vrijdag.

Movescount_logo     strava

Minder warm, toch meer zweet

Na de uitstap naar Heverleebos van gisteren, staat er vandaag een rondje ‘Sequoia’ op het programma. Om overbelasting te vermijden, zal het een rustig loopje worden. We zijn dan ook met vier om tussen enkele regenbuien in, wat gaan hardlopen.

De eerste kilometers verlopen dan ook heel rustig. Met snelheden van 10,5 km/u kan je moeilijk spreken van een tempoloop. Bovendien blijft de hartslag zelfs onder de 130 hs/min. Dit is het ideale duurlooptempo dat ik uren zou moeten kunnen aanhouden. Zou dit mijn marathontempo kunnen zijn, zonder ziek te worden? Kortelings een uittesten??

2016-05-10Na iets meer dan 2,5km wordt er een kleine versnelling ingelast. De snelheid wordt opgedreven tot boven de 14 km/u (=4’16” min/km). Met een temperatuur van 20°C en een vochtigheidsgraad van 90% zorgt deze versnelling voor extra zweet. Na deze versnelling lopen we opnieuw rustig verder, maar dan toch iets sneller dan de eerste kilometers. In ieder geval blijft het zweet verder uitbreken.

(Hard)lopen: het is en blijft een perfecte tijdsbesteding van de lunchpauze. Als je dan nog eens beseft, dat je net op dat moment tussen de buien hebt gesport, maakt het je dag veel beter.

Movescount_logo     strava


 

Uitstap naar Heverleebos

Met een temperatuur van boven de 20°C loop ik liever in een schaduwrijk bosgebied dan in volle zon op harde wegen. Het is dan ook met veel plezier dat ik, samen met enkelen, richting bos in Heverlee kan trekken om daar een vierkant rondje te lopen.

Om 12.15u starten we dan met een rustig tempo. Na de duurloop van zondag heb ik toch wel enkele minuten nodig om wat los te komen. De snelheid ligt niet te hoog en het is dus echt genieten van de rust in het bos en omgeving. Na 3K draaien we rechts en begint er een saai stuk waar iets te weinig variatie in zit om echt van te kunnen genieten. Ondanks de week echt warm en droog weer, blijven hier groet plassen liggen. Na enkele dagen regen is het hier echt moeilijk om door te komen.

Na dit tweede rechts stuk draaien we opnieuw rechts richting de Zoete Waters. Ter hoogte van de kapel krijgen we een flinke afdaling voorgeschoteld. Daarna steken we de weg over en komt de zwaarste dobber om te verwerken. Deze helling is op Strava gekend onder de naam Poggio. Tot hiertoe hebben we rustig gelopen en dus vind ik het een goed moment om deze zo snel mogelijk naar boven te lopen.

2016-05-09-1De helling bestaat uit twee stukken en het vals plat ertussen gebruik ik nog om een tandje bij te steken. Halfweg het tweede stuk begin ik te kraken. De hartslag bedraagt 180 hs/min en ik ben er nog lang niet. Bovendien ligt het einde van dit segment verder dan de eigenlijke top en dus moet ik het nog kunnen uitzingen tot daar. Het wordt snakken naar lucht en de hartpomp bereikt een hoogtepunt aan 185 hs/min. Gelukkig heb ik wat voorsprong opgelopen en kan ik wat dribbelen vooraleer we opnieuw het normale loopritme oppakken.

2016-05-09-2Opvallend is wel dat mijn hartslag nu heel wat hoger ligt bij ongeveer dezelfde snelheid.

Net voor het vierkant (zie vorm omloop) dicht is, draai ik om en loop in omgekeerde richting naar nummer drie. Na exact 5′ of 1K kom ik hem tegen en loop ik met hem verder uit naar ons startpunt. Tijdens deze twee kilometers aan 10 km/u zakt mijn hartslag toch naar waarden onder de 130 hs/min.

Na raadpleging van de gegevens blijkt dat ik mijn eigen besttijd op die Poggio (7%) met liefst 21″ verbeterd heb. Deze bedraagt nu 2’19” aan een gemiddeld tempo van 3’55” min/km. De enige plaats waar ik nog kon verbeteren is helemaal in het begin. Je moet dus al vanop de weg snelheid maken. Én dit weten vol te houden tot het einde!!

Movescount_logo     strava


 

Ochtendloop op zondagvoormiddag

Een vroege vogel ben ik nooit geweest en dat zal nu ook niet meer veranderen. Een langere ochtendloop zal je me dan ook zelden zien doen; uitzonderingen zijn altijd mogelijk. Deze zondag ben ik toch eens voor 10u klaar. Gelukkig maar, want het wordt weer een warme dag en dan is het toch wel beter om tijdig te vertrekken.

Vanuit Linden vertrekt er op zondag vaak een groepje lopers en deze ga ik vandaag proberen te halen. Zonder te treuzelen, loop ik dan maar richting de parking aan de Kasteeldreef, maar tevergeefs. Vandaag blijkt er niemand te vertrekken, of ze moeten al vertrokken zijn. Geen nood, ik ben oud en wijs genoeg (denk ik toch) en loop dan maar alleen verder. Ik heb geen bevoorrading bij me. Als ik echt lang wil lopen, zal ik via thuis moeten lopen om me daar van een drankje te voorzien. Er staat namelijk een isotone sportdrank klaar in de koelkast.

Na enkele kilometer door de Lindense bossen kom ik iemand tegen en vraag hem of ik even met hem mee mag lopen. Op die manier loop ik een rustig tempo richting Kessel-Lo. Onderweg wordt er wel wat gebabbeld, o.a. over de 20 km door Brussel, maar zijn naam heb ik dan weer niet gevraagd.

De terugweg naar Linden wil ik niet lopen via de Leming zodat ik niet in de verleiding kom om nog maar eens een aanval te wagen op mijn PR richting Kortrijkstraat. Ik kies dan maar voor de steile helling richting Sneppenstraat. Bovendien neem ik het steil stijgend straatje rechtdoor, maar dat blijkt echt dood te lopen. Omdraaien en terug naar beneden dan maar. De Sneppenstraat is zeker ook een Strava-segment, maar toch blijf ik vrij rustig lopen zonder een besttijd na te streven.

Eénmaal terug in Linden ga ik enkele wegen van de Linden Bosloop van volgende week verkennen. De hellingen gebruik ik dan ook om mijn hartslag nog wat meer de hoogte in te jagen, een typische heuveltraining. Op dergelijke momenten besef ik des te meer hoe zwaar het zal worden. Gelukkig is dat voor iedereen hetzelfde.

 

Movescount_logo     strava