Alle berichten van Werner

Langere bosloop, rare GPS

De marathon komt steeds dichterbij en er moeten dus kilometers gelopen worden. Na de korte en rustige middagloop van gisteren, moet het vandaag iets meer én iets steviger worden.

Het is nog steeds vrij koud, grijs en vochtig. Het aangename zal dan maar van de omgeving moeten komen. Ik kies vandaag opnieuw de Heverleese bossen als decor voor mijn langere duurloop. Om niet te veel energie te verliezen, neem ik dezelfde omloop als vorige week. Op die manier kom ik in de buurt van een halve marathon-afstand.

Het wordt dus een duurloop van meer dan 20K en dit houdt in dat ik het rustig aan moet en wil houden. Rustig betekent niet langzaam, maar wel minder belastend en met een relatief lage hartslag (<145 hs/min).

De eerste kilometers loopt het al fout. De snelheid is vrij stabiel, maar de weg/ondergrond is dat helemaal niet. Het begint met een te sterke afdaling, een tunnel met trappen, een stukje Finse piste, bomen waardoor de GPS het moeilijk heeft, enkele hellingen, … Ondanks mijn -min of meer- stabiel tempo, loopt de grafiek verder uit dan een seismograaf in het epicentrum van een aardbeving.

In Heverleebos loopt het helemaal fout. Ik heb de lage hartslag al voor een deel opgegeven en dan lees ik nog tempo’s af van ver boven de 5′ min/km en zelfs kilometertijden in de buurt van de 5′ min.

 

Gelukkig is de omgeving mooi genoeg om me er verder niet in te storen. Ik probeer de intensiteit toch iets hoger te houden dan bij normale duurlopen. Onlangs las ik op prorun.nl nog dat je best traint in Z1 of Z3 (laag intens of hoog intens) en dat je beter niet traint in Z2. Deze bosloop speelt zich volgens mij perfect af in die middelste zone. Speelt trouwens het grootste gedeelte van een marathon zich niet af in die zone?

Op de fameuze helling (Poggio) verlaat ik alvast de zone 2 aan de bovenkant. Op een helling kan ik het niet laten om intensiever te lopen. Het is dan ook twee keer naar adem happen om het tempo op de helling niet te veel te laten zakken.

Wanneer ik terug aan mijn vertrek^punt kom, merk ik dat de beoogde afstand nog niet bereikt is. Ik voel me dus verplicht om even wat verder te lopen om zo toch de grens van de halve marathon te passeren. Zelfs met dit verlengstuk, heb ik een betere tijd gelopen dan de vorige keer. Doel bereikt??

     


 

Rustige herstelloop, Sequoia

Minder dan 24u na de stevige duur-tempo-loop loop ik met enkele collega’s een rustige middagloop.

Geen grote nieuwigheden, we lopen langs onze vertrouwde omloop: Sequoia. Deze 8,8K brengt ons vanuit Leuven-centrum via het sportkot en het kasteel van Arenberg, langs het Dijlepad door de bossen rond het oude jezuïetenklooster. Hierdoor lopen we over zowel verharde wegen als over drassige bospaden.

Dit keer lopen we met zijn drieën en blijven de volledige afstand samen. Samen uit, samen thuis. Door de verschillende niveaus van training schommelen de gemiddelde hartslagen van 132 tot 165.

Na een relatieve rustweek, ben ik deze week echt rustig begonnen. Morgen zal er iets meer moeten gelopen worden.

    

 

Naar Horst en terug, via Gobbelsrode

Na de snelle tempoloop van afgelopen vrijdag duurt het tot zondagavond eer ik opnieuw de loopschoenen aantrek.

Daags na de tempoloop neem ik een rustdag en gebruik deze om, samen met de kids, te shoppen bij Decathlon. Na lange twijfel en veel passen van trailschoenen laat ik ze toch in het rek staan. Ik heb schoenmaat US10,5 en deze maat is bij Decathlon niet verkrijgbaar, in geen enkel model trouwens. (Update: intussen staat een betere versie voor minder geld in mijn kast). Op zondag sta ik eerst ten dienste van DCLA. De atleten van Vlaams-Brabant lopen vandaag hun PK veldlopen in Vilvoorde.

Dit weekend is dus opnieuw geen perfect weekend van iemand die een marathon voorbereidt. Toch trek ik ’s avonds de loopschoenen nog aan voor een niet te lange duurloop. Het klinkt tegenstrijdig, maar ik wil eigenlijk een duurloop doen, maar heb te weinig tijd en maak er dan maar een stevige duurloop van. Net als drie weken geleden loop ik rustig naar (het kasteel van) Horst en kom via Gobbelsrode sneller naar huis. Het wordt dus eerder een duur-tempo-loop.

De eerste helft (7K) loop ik aan gemiddeld 4’40” min/km. Dit lukt zonder te hoge hartslag, behalve op de hellingen omdat ik daar het tempo niet wil laten zakken.

De tweede helft loop ik gemiddeld 4’16” min/km en dit op vooral stijgende wegen. Hierdoor moet mijn motor wel kloppen met een frequentie boven de 160 hs/min. Dit is dus al een vrij intensieve tempoloop.

Dit goed uur lopen zorgt met zijn 14,5km dat ik deze ‘rustweek’ kan afsluiten met 70K op de teller.

    


 

Wintertoer, iets sneller

Het moet een ‘rustweek’ worden en daarom sla ik opnieuw één dagje over en is het pas vandaag dat ik opnieuw loop. Vanavond lopen we onze wintertoer en ik wil het ook vandaag niets forceren.

Ondanks de iets rustigere week, blijf ik toch met vrij zware benen zitten. Vooraf enkele rondjes op de piste is dan ook geen overbodige luxe. Bijkomend voordeel, door deze rondjes voel ik dat ik best eerst eens de toilet bezoek voor een korte plaspauze. Hierna beginnen we in groep aan de wintertoer. De eerste minuten wordt er nog wat gepraat, maar zodra we het Heuvelhofpark verlaten, kiest iedereen zijn tempo of worden er kleine groepjes gevormd.

Net voor we het echte tempo lopen, hoor ik D. zeggen om het iets rustiger aan te doen vandaag. Ik vind dat een perfecte oplossing en besluit om met hem mee te lopen. Echt rustig vind ik het niet, integendeel zelfs. De tweede kilometer, met meer positieve hoogtemeters, wordt afgelegd in 4’02”. De eerstvolgende kilometers bevatten allemaal een vrij zware helling en toch blijven we telkens onder de 4’10” min/km. Allesbehalve rustig!! De hartslag zit meer dan regelmatig boven de 170 hs/min.

Na de drie zwaarste hellingen is in principe het zwaarste gedeelte achter de rug. vanaf hier is het enkel een normale tempoloop. Door het tempo hoog te houden zakt de moeilijkheidsgraad zeker niet. Met een gemiddeld vermogen boven de 300W is het wel duidelijk dat er niet rustig gelopen is.

Om met enkele samen te blijven gaat het tempo slechts een klein beetje zakken; het blijft maar net boven de 4′ min/km. 5,5K voor het einde is het al gedaan met dat ‘lager’ tempo. Er komt wat afscheiding en dit is voor mij genoeg om eens het onderste uit de kast te halen. Het tempo komt vlot onder de 4′ min/km te liggen en op de dalende stukken zelfs onder de 3’50”.

De laatste (volledige) kilometer gaat voornamelijk in lichte stijgende lijn. Ik heb nu wat voorsprong opgebouwd en ben niet van plan om deze nog af te geven. Het blijft dus op de tanden bijten met de mond open tot de laatste meters.

Uiteindelijk ben ik heel tevreden met deze snelle loop. Voor de betere brokkenlopers blijft het een doel om deze wintertoer te lopen onder het uur. Ik ben zover nog niet, maar het zal er nog wel van komen, maar of het deze winter nog lukt ???

    

Intervaltraining: gesplitste 1200m

Op woensdag staat er steevast een intervaltraining op het programma. Zelfs na de zware trainingen van de afgelopen dagen, ga ik met plezier naar deze intensieve looptraining.

De benen voelen nog steeds zwaar aan, maar toch kijk ik uit naar de training. Zoals steeds worden we tijdig op de hoogte gebracht van wat ons te wachten staat via de site van de Brokkenlopers. Vandaag staat ons onderstaand schema te wachten.

Deze keer gaan we eens iets nieuws doen: ingedeelde 1.200m-intervallen. De eerste 400m aan 800m-tempo, dan 400m “rollen” (2″/100m trager dan 800m-tempo) en dan terug 400m aan 800m-tempo, gevolgd door 400m recuperatie. Anders gezegd: 4 à 6x (400-400-400-400R) met de niet-onderstreepte 400 aan 800m-tempo en de onderstreepte 400 aan 2″/100m trager

Door de zware benen doe ik al een pré-opwarming (4’45” min/km) op de piste. Na 3 rondjes is het bijna tijd en moet ik, samen met de anderen, vertrekken voor de eigenlijke opwarmingsronde. Deze 5,2K wordt gemiddeld gelopen aan 4’30” min/km, gaande van 5′ min/km voor de eerste km tot een 4′ min/km voor de laatste km. Intusen is het beginnen regenen, maar toch heb ik het meer dan warm genoeg en leg mijn vestje aan de kant.

Bij de groepindeling blijk ik de enige te zijn waarvan het 800m-tempo 22″/100m bedraagt. Om toch met een groepje mee te kunnen gaan, sluit ik mij aan bij de iets snellere groep. Ik weet dat ik 1″ per 100 mag prijsgeven. Op 400m komt dit neer op bijna 20m. Toch blijft het voor mij de bedoeling om minder prijs te moeten geven en dit zonder de training vroegtijdig te moeten afhaken. Het wordt in ieder geval een zwaardere training en dit net tijdens mijn rustweek.

Na een week van meer dan 100K beschouw ik deze week als een rustweek. Toch heb ik gisteren mijn duurloop iets te snel afgelegd en zal het vandaag ook snel gaan. Vrijdag staat er opnieuw een Brokkenloper-duurloop op het programma en dat zal ook allesbehalve rustig verlopen. Het wordt met andere woorden een week met minder kilometers, maar wel eentje met vooral snelle kilometers en dat is dan tegen alle regels in.

Genoeg gebabbeld, de intervaltraining moet gelopen worden. Na twee rondjes met korte versnellingen volgt onmiddellijk de eerste snelle 400m (1’24”). Hierna mag een 400m gelopen worden die een klein beetje trager verloopt (1’32”). Tijdens deze 400m gaat de hartslag niet verder stijgen, maar zakt hij ook bijna niets. De volgende 400m moet dan opnieuw sneller gelopen worden. Met een hartslag van 174 hs/min na de eerste 1200m zit ik duidelijk aan mijn limiet. Na de 400m recuperatie is deze hartslag toch opnieuw gezakt tot 143 hs/min en zou ik klaar moeten zijn voor de volgende gesplitste 1200m.

De tweede 1200m blijft heel zwaar. Ik moet de groep (21″) net ietsje lossen bij de eerste 400m in 1’24”. Bij de volgende 400m blijf ik ‘hangen’ en bij de laatste 400m (1’24”) moet ik opnieuw enkele meter prijsgeven. Toch blijf ik onder mijn vooropgestelde 22″. Tijdens de 400m recuperatie zakt mijn hartslag opnieuw van 175 naar 142 hs/min. Op dat vlak zit het dus nog goed. Toch wordt het steeds zwaarder om de snelle stukken te volgen en dit mede door de nadelige wind in de laatste bocht.

Nog twee keer moet er een 1200m gelopen worden. De derde verloopt perfect analoog aan de tweede, ondanks er een andere persoon het tempo aangeeft. Toch heb ik het gevoel dat het iets sneller gaat. De cijfers bewijzen het. Ik loop 1’24”-1’30”-1’24”. En ja, opnieuw moest ik de rol net lossen. De vierde keer loop ik  1’24”-1’31”-1’25”. Het zou de laatste kunnen zijn. Iedereen loopt nog verder en daarom besluit ik om er nog eentje bij te doen en hier ga ik het dan zeker bij houden, ook al lopen zij nog een zesde.

De vijfde moet echt de laatste worden. Ik moet echt alles uit de kast halen om het ritme van de vorige te houden. Een zesde zal waarschijnlijk niet meer haalbaar zijn en ik loop dan liever één minder dan één te veel (te traag).

Na de vijfde ben ik echt blij dat ik nu volledig mag recupereren. Ik heb echt wel behoefte aan enkele kilometers uitlopen.

      


 

 

Lange duurloop op reserves

Vandaag loop ik een het tweede gedeelte van een gecombineerde marathontraining. Na de intensieve tempoloop van gisteren volgt nu een lange duurloop (LSD), op (vet)reserves.

Bij het doornemen van verschillende trainingsschema’s las ik over de combinatie van tempoloop met een daaropvolgende duurloop. De tempoloop zorgt ervoor dat alle snelle-energievoorraden opgebruikt zijn. De duurloop die daarop volgt moet het zonder deze energiebron doen en is dus verplicht om de aanwezige (vet)reserves aan te spreken. Dit is natuurlijk altijd het doel van een langzame duurloop, maar door de intensieve loop vooraf wordt dit pure noodzaak.

Spijtig genoeg ben ik niet in staat om dit op één en dezelfde dag te doen en daarom moet er een nacht over heen gaan. Zaterdagmiddag is het dan zover en begin ik aan mijn duurloop van minstens twee uur. Hiervoor kies ik dezelfde weg als twee weken geleden. Na een eerste kilometer met enkele hellingen van 5’20” liggen alle volgende kilometers onder de 5′ min.

Het wordt een stabiele duurloop. De meeste kilometers liggen net onder 5′ min en dit met een hartslag van 140 hs/min. De hartslag is bij duurlopen een goede vermoeidheidsmeter. Wanneer het iets minder goed gaat, is dit de eerste waarde die gaat stijgen.

Intussen loop ik eveneens met een vermogenmeter en ook deze blijft vrij stabiel en blijft draaien rond de 250W.  De toekomst zal uitwijzen wat dit juist inhoudt. Tijdens het lopen krijg ik het idee om de duurloop wat langer te maken. Het zou zonder problemen moeten lukken om er 10% bij te doen, wat neerkomt op 12 minuten extra. Hiervoor loop ik in het provinciaal domein twee rondjes rond de twee vijvers. Hier moet ik echt op mijn tempo letten. Meestal loop ik hier een stevig tempo en dit keer moet ik mij rustig houden. Ook dit is karaktertraining.

Op het einde moet ik ook nog een extra lusje lopen en om de 2u15min, want ik heb intussen besloten om de 10% af te ronden naar een kwartier, moet ik de laatste zware helling erbij te nemen. Deze extra inspanning doet niet alleen mijn hartslag even stijgen tot boven de 160 hs/min, maar vraagt ook een vermogen tot boven de 450W!!

Ik hoop dat mijn doel, extra reserves aanspreken, hiermee gelukt is. Na de intensieve tempoloop van gisteren en de niet te zware maaltijd van gisterenavond, zou dit hiermee moeten gelukt zijn.

Morgen, zondag, rustdag! Staat ook in alle schema’s 🙂