Categorie archieven: Training

Eerste intervaltraining met Jeroen

Vandaag train ik de eerste keer mee met de brokkenlopers van Jeroen. Door de Phef-testen en middagloop van gisteren enerzijds en door de hele namiddag in de Elfkamper gewerkt te hebben, voel ik me niet fris om met de training te starten. In de namiddag werd de Atletiekarena Gaston Roelants gebruikt voor de SVS atletiekmeeting.

Om 17.45u stop ik achter de toog en kleed ik mij om. Het is echt zonnig weer met af en toe een wolk. De lucht is nog niet echt opgewarmd; perfect loopweer dus. Omdat de spieren allesbehalve fris aanvoelen, loop ik eerst enkele rondjes op de piste. Amai, dat loopt stroef.  Niet veel later vertrek ik dan samen met Jeroen richting het provinciaal domein voor de eigenlijke intervaltraining. Naast een korte uitleg hoe de training vandaag verloopt, geeft Jeroen ook een goede uitleg hoe een goede intervaltraining er moet uitzien. Belangrijk is dat een intervaltraining goed uitgevoerd wordt. Het is zoals lopen tegen een muur, de muur van je eigen kunnen. Je kan je te pletter lopen door te snel te willen lopen, maar daar bereik je niets mee. Het is bedoeling om elk onderdeel van de intervaltraining aan dezelfde snelheid af te leggen. Door de vermoeidheid loop je langzaam tegen de muur en kan je hem lichtjes vooruit duwen. Hierdoor verbeter je je eigen limiet wel.

De training van vandaag bestaat uit een trappentraining. Elk onderdeel wordt in drie trappen gelopen: 500m vlot duurloop-tempo, gevolgd door 500m aan 800m-tempo en afsluiten met een nog sneller stuk. Omdat we met vier nieuwkomers zitten, waaronder ikzelf, besluiten we om het 800m-tempo te vertalen naar 23s/100m. Dit komt overeen met 3’50” min/km of 15,7 km/u. Hierna lopen we 600m (rond de kleine vijver) rustig uit. De bedoeling is om dit minstens vier keer te herhalen.

2016-05-04

Onder de deskundige begeleiding van Jeroen lopen we het afgesproken scenario. In de bovenstaande grafiek zie je het verloop van mijn hartslag en zie je heel goed hoe telkens de hartslag iets hoger eindigt na het snelste stuk, zonder effectief sneller te lopen. Van de vier nieuwkomers beschouw ik me vandaag één van de minst goede. Het lukt me wel om het groepje goed te volgen, maar het is wel degelijk met de nodige moeite. Hopelijk zitten de inspanningen van gisteren er degelijk voor iets tussen.

2016-05-04-2

Om te zien wie er nog wat ‘overschot’ heeft, laat Jeroen ons bij de laatste versnelling voluit gaan. Kevin schiet echt als een pijl uit een boog weg. Hij had duidelijk nog meer dan voldoende reserves. Ik loop pas als laatste van Jeroen weg, toch aan meer dan 20km/u (!!) en kan enkel Djamal (uit Eritrea) nog bijbenen, omdat hij het niet kan volhouden tot de werkelijke eindmeet.

Movescount_logo     strava


 

Phef 2016

Vandaag staan de jaarlijkse Phef’s (Physical Evaluations Fitness) op het programma. Het is dit jaar voor de tweede keer dat we deze in de nieuwe vorm uitvoeren, in vervanging van de gekende MTLG’s (Militaire testen voor Lichamelijke Geschiktheid).

core strength side bridge
core strength side bridge

De aerobe test, zijnde 2400m lopen is niet veranderd. In het verleden bestond de anaerobe proef uit een dynamische gedeelte, zijnde sit-ups en opdrukken (ook wel pompen genoemd). Sinds 2015 bestaat het anaeroob gedeelte uit een statisch gedeelte, meer bepaald de Left- and Right Sidebridge, om de core stability te testen.

 

In de afgelopen maanden heb ik natuurlijk genoeg gelopen. Dit was nooit een effectieve training voor deze test, maar het brengt natuurlijk wel de nodige conditie en efficiëntie bij om hier vlot te slagen. Voor de side bridge daarentegen, heb ik niet geoefend. In de maand maart heb ik het wel enkele keren geprobeerd en daaruit kon ik enkel besluiten dat het niet eenvoudig is om deze houding lang genoeg te kunnen aanhouden. Met lang genoeg bedoel ik 1’50” wat overeenkomt op het maximum van de punten. De helft halen is niet het doel, ik mik op meer. Gelukkig begeleidt de sportmonitor ons met de opwarming. Het is me vorig jaar niet volledig gelukt, maar ik hoop echt dat het dit keer wel lukt, al vrees ik ervoor. Alles wordt streng geregeld. We moeten dan ook met de linkerkant beginnen. Na 40″ krijg ik het al moeilijk, doel is 1’50”. Vorig jaar lukte me de linkerkant, dus moet het dit jaar ook lukken. Na veel puffen, hoor ik opeens 1’33”. Nog 17″, dat moet toch nog lukken; toch met veel moeite. Gelukkig zijn we met een grote groep en kunnen we even rusten terwijl de andere groep aan de beurt is. Er is geen ontkomen aan, de rechterkant nu. Vorig jaar heb ik hier echt afgezien en werd ik na 1,5 min afgevlagd. Geslaagd, maar niet dat verhoopte maximum. Steunend op mijn rechter elleboog, hoop ik alleen maar snel die 1’50” te horen. Het duurt echt wel lang. Door met mijn hoofd wat te bewegen probeer ik me wat af te leiden. Uiteindelijk hoor ik de verwachte tijd en moet ik niet langer op mijn elleboog blijven steunen. Eerste doel van de dag bereikt.

Na deze anaerobe proef in zaal, gaan we naar buiten voor de loopproef. In het verleden werd deze proef afgenomen op de atletiekpiste van het sportkot in Heverlee. Nu vindt deze proef plaats op betonbaan tussen de bomen. Eén rondje over deze omloop bedraagt 1200m, exact de halve afstand dus. Het is dus de bedoeling om deze zo snel mogelijk af te leggen. Om iedereen goed te begeleiden wordt de tussentijd na 400m individueel vermeld. Hiermee heb je onmiddellijk een idee hoe snel je vertrokken bent en kan je nog tijdig corrigeren.

Ik krijg de melding na 200m dat ik snel gestart ben. Het klopt wel, na 200m heb ik een tussentijd van 40s en dat is inderdaad een snelheid die ik niet ga volhouden.  Bovendien ligt mijn hartslag dan al boven de 170 hs/min! Intussen heb ik niemand meer in mijn buurt en hoor ik zelfs niemand meer achter me. Daarvoor is mijn voorsprong op de tweede al iets te groot. Na 400m kom ik door op 1’24” en zelfs dat is voor mij vrij snel. Dit is volledig te danken aan de snelle start van de eerste 200m. Na één ronde, halfweg dus, kom ik door op 4’22”. Mijn doel dat ik mezelf opgelegd heb, bedraagt 9 minuten rond. Ik zit er dus onder. Nu nog hopen dat ik deze snelheid kan aanhouden met een hartslag die al opgelopen is tot 180 hs/min.

De tweede ronde loopt gelijkaardig, met dat verschil dat het ook meteen de laatste is. Veel reserve moet je nu niet meer overhouden. Ik probeer de snelheid minstens zo te houden. Met een cadans van 180 passen per minuut zit ik zeker hoger dan anders. Na twee kilometer kijk ik toch nog eens naar mijn horloge en zie een kilometertijd van 3’41”. Dat is effectief minstens even snel dan de eerste kilometer. Het volstaat om dit tempo vol te houden tijdens de laatste 400m en eventueel nog wat te versnellen na de laatste bocht, wat nog lukt ook. Mijn eindtijd luidt: 8’42”. Als ik mij niet vergis is dat zelfs een halve minuut sneller dan vorig jaar.

Trainen wordt dus zeker beloond.

Movescount_logo     strava


Officiële tijd: 8’42”

Zondagse duurloop met stevig stukken

Ondanks de snellere tempoloop van afgelopen vrijdag, is het op deze zonnige zondag tijd voor een langere duurloop. Dit keer vertrek ik niet vóór dag en dauw, maar na het middaguur. Het doel is om minstens 20K te lopen en we zien wel hoe en waar.

Omdat het zo lang geleden is, vertrek ik dit keer nog eens richting Pellenberg. Het is droog en hopelijk liggen er niet te veel plassen. Afgelopen woensdag liep ik nog met lange broek, vrijdag liep ik nog met lange mouwen; vandaag is het veel beter weer en loop ik met short en t-shirt. De zon schijnt volop en dus is een zwart shirt perfect geschikt om zeker warm genoeg te hebben bij deze frisse wind.

Richting Pellenberg lopen houdt in dat er de eerste 8 kilometer vooral stijgende hoogtemeters moet gelopen worden. De steilste helling komt na 3,7km en hier wil ik eens doortrekken. Dit is een segment op Strava en door de prestatie van vandaag te vergelijken met de vorige passages kan ik zien of er progressie geboekt is. Gelukkig, ik verbeter mijn vorige snelste tijd, wel met amper 3″.

Hierna loop ik opnieuw rustig verder langs hetzelfde parcours waar ik vorig jaar enkele keren liep. Ik geniet van het mooie weer, ondanks het zweet in mijn ogen loopt. Halfweg de Zavelstraat besef ik dat deze straat ook apart gevolgd wordt via Strava en dus houd ik de snelheid ook hoog genoeg. Ook hier verbeter ik mijn PR. Onmiddellijk hier komt er opnieuw een helling onder de loopschoenen. De snelheid zit er vrij goed in en ik probeer dit tempo aan te houden, zonder echt voluit te gaan. Ik wil trouwens nog evenveel kilometers lopen als wat ik tot nu afgelegd heb.

De tweede helft blijf ik een normaal tempo (4’46” min/km) aanhouden. Intussen is het genieten en denk ik na langs welke weg ik ga lopen om toch boven de 20K uit te komen. Het is bovendien een nieuwe maand en dus kan ik ook vandaag al, naast de Strava-uitdaging van de 10K, de uitdaging van 21,1K lopen. Om het mezelf nog wat zwaarder te maken, kies de de lange weg tot aan de Kortrijkstraat. Dit is een vrij lang stijgend stuk. Bovendien kies ik hier ook weer om het zo snel mogelijk af te leggen, tenminste zo snel mogelijk na reeds 17km gelopen te hebben. Op een stuk van 2,5km bergop is doseren zeker de boodschap. Ik houd de inspanning zoveel mogelijk constant en probeer gebruik te maken van de vlakkere stukken om de snelheid er goed in te houden. Het resulteert in een nieuwe besttijd met een verbetering van meer dan een halve minuut.

Tussen veel wandelaars en scoutleden door blijf ik nog enkele kilometer lopen om uiteindelijk thuis te komen na iets meer dan 22km. Opdracht volbracht.

Movescount_logo     strava


 

Brokkenloper of niet?

De laatste weken zit de conditie toch wel vrij goed. In ieder geval loop ik nu beter dan dat ik ooit gelopen heb. Een jaar geleden, 29 mei 2015, liep ik voor het eerst de vrijdagse duurloop met de joggers van DCLA. Met veel moeite kon ik toen volgen. Intussen gaat het volgen al stukken beter, zo goed zelfs dat ik vandaag probeer mee te lopen met een snellere groep: de brokkenlopers.

Onder leiding van Jeroen trainen zij op woensdag zoals de groep van Miel, maar dan heel wat sneller en heel wat meer. Op vrijdag lopen beide groepen hetzelfde parcours, gekend als de zomeromloop. In tegenstelling tot de groep van Miel, lopen de brokkenlopers (van Jeroen) niet allemaal in groep, maar maakt iedereen er zijn eigen tempoloop van. In mijn beschrijving noem ik de loop met Miel een duurloop en noem ik deze met Jeroen een tempoloop.

Het wordt voor mij dus een primeur om met de groep van Jeroen mee te lopen. Velen van deze groep lopen echt wel véél te snel; het is  voor mij de bedoeling om het tempo van Jeroen te volgen. Ik hoop dat hij een iets gelijkmatiger tempo loopt. Na de fietstocht van huis naar de atletiekarena en ook na enkele rondjes opwarming, hoop ik er klaar voor te zijn. Op hetzelfde vertrekuur als de groep van Miel vertrekt ook deze groep. Na 600m ligt de snelheid al boven de 13km/u. Ik dacht nochtans dat ook zij iets rustiger startte. In ieder geval dit is de te verwachte snelheid en dat moet ik dus kunnen volhouden. Hopelijk lukt dit met een hartslag boven de 160 hs/min.

De eerste hellingen komen eraan. Hier wordt er effectief iets rustiger gelopen; het eerste deel dan toch. Het verder verloop in het bos wordt het tempo opnieuw opgetrokken. Eénmaal op de Prinsendreef, richting Kortrijkstraat, ligt de snelheid vrij hoog, maar dankzij de lichte afdaling zakt mijn hartslag naar 160 hs/min. Nog steeds vrij hoog en de nieuwe hellingen kondigen zich aan. De hellingen zijn dan nog het minste probleem. De snelheid gaat nu echt wel de hoogte in, net als mijn hartslag. Op de bosweg naar en de weg boven op de Chartreuzenberg ligt de snelheid echt wel hoog. Dit houd ik nooit vol tot op het einde!! (hartslag > 170hs/min)

Gelukkig blijkt het voor de anderen ook snel te gaan en op de smalle en drassige bospaden lopen we iets minder snel (13 à 13,7 km/u). Dit ligt wel terug binnen mijn mogelijkheden. De laatste kilometers kan er terug een gesprekje met Jeroen van af. Bij aankomst ben ik dan ook niet helemaal uitgeput en voel ik me opperbest. De doop met de brokkenlopers beschouw ik als geslaagd. Het blijft toch nog een beetje afwachten of ik ’s woendags ook met hen de intervaltraining mee train.

Movescount_logo     strava


 

DCLA Training, van traag naar snel

Van geluk gesproken. Na enkele dagen met regen en zelfs hagel, schijnt opeens de zon op het moment van de DCLA-training. Geen enkel excuus dus om niet met volle goesting de sportkledij aan te trekken. Het blijft vrij fris en het zal dus wel lopen worden met lange broek en lange mouwen.

De voorziene opwarming vind ik vrij kort en daarom loop ik eerst enkele (drie dit keer) rondjes op de atletiekpiste. Op die manier kan ik mij rustig opwarmen en dat is bij koud weer geen overbodige luxe. Deze eerste opwarming doe ik nog met een vest. Om 18.15u vertrekken we dan in groep voor de eigenlijke opwarming van een goede drie kilometer. Na analyse blijkt zelfs dat ik sneller gelopen heb tijdens de pré-opwarming op de piste dan tijdens de loop naar het provinciaal domein. Ik kan hier enkel uit besluiten dat het veel beter loopt op een piste dan in groep langs de weg.

De wind blijft wel echt koud en dus krijgen we enkel een korte uitleg over het verloop van de training. Het eerste stuk is alvast nog vrij rustig: een 1500m aan rollend tempo. Wetende dat er daarna nog wel snellere stukken aankomen, gebruik ik deze als extra opwarming. De volgende opdracht luidt: twee maal 700m aan een vlot tempo. Hier blijf ik wel bij de snellere lopers, maar houd mij wel aan het opgelegde tempo en maak er dus geen wedstrijd van. Voor mij (en dus ook voor hen) is 14km/u al een heel vlot tempo. 🙂

Het tweede grote deel van de training bestaat eerst opnieuw uit een 1500m, maar dan 800m rollend (13,4km/u)  en 700m vlot (14,3 km/u). Hierna komen er nog twee snelle stukken van 600m, met telkens 400m uitlopen. De eerst 600m (15,6 km/u) blijf ik bij twee collega’s, maar bij de laatste 600m wil ik wel zien wat ik nog kan en loop na 100m van hen weg. Op dit stuk loop ik 16,5 km/u gemiddeld, waarvan het grootste deel aan 17 km/u. Nooit gedacht dat ik dat ooit zou kunnen. Je ziet waartoe een training al niet in staat is. Of is dit nu ook een typisch voorbeeld van “haantjesgedrag”?

 

Movescount_logo     strava


 

Rustig middagloopje

Na de intensieve week nam ik op maandag een verdiende rustdag. Vandaag, dinsdag, breng ik mijn lunchpauze alweer met loopschoenen in het bos door. Ondanks ik alleen loop, wil ik het heel rustig houden. De knieën blijven gevoelig en vragen om niet te veel belast te worden.

Het is niet al te warm en het is zó wisselvallig dat droog blijven niet mogelijk zal zijn. Ik kleed me dus iets warmer aan en hoop dat het niet zal hagelen. Iets over twaalf start ik heel rustig in de Leuvense straten richting de tunnel onder de ring die uitkomt aan het Sportkot.

De eerste kilometers verlopen allemaal heel rustig. Het blijft dan ook kiezen tussen de Sequoia (8,8K) en de omloop die ik de laatste weken al enkele keren gelopen heb via de spoorweg (12K). Door de regen vrees ik dat het stuk Sequoia veel te nat ligt en kies om die reden de iets langere omloop via het bos van Heverlee.

Net zoals voorgenomen blijf ik rustig lopen. Morgen staat er een intensieve training op het programma en om mijn knieën niet té veel te belasten, houd ik het vandaag rustig. In de Herendreef, terug richting Sportkot, profiteer ik van de lichte afdaling door iets snellere passen te nemen. Tot aan de tunnel blijf ik net boven de 12 km/u lopen.

Bij het uitkomen van de tunnel heb ik juist 11K gelopen op net geen 55 min. Op dat ogenblik wil ik het gemiddeld tempo toch onder de 5′ min/km houden en begin wat te versnellen. Op de Karmelietenberg houd ik de snelheid vrij hoog en dit vertaalt zich in iets zwaarder stukje Naamsestraat.

Kortom, dit was een rustig loopje. Zie je wel dat ik alleen ook rustig kan lopen 🙂

Na het uploaden van de gegevens stel ik vast dat hiermee de kaap van de 1000K in 2016 genomen is. Hiermee kom ik op een weekgemiddelde van 58,8 km/week en een daggemiddelde van 8,55 km/dag.

 

Movescount_logo     strava