Categorie archieven: Training

DCLA Tempoloop – Pellenberg

Vermits de intervaltraining van afgelopen woensdag goed verlopen is, loop ik vandaag ook de tempoloop met de brokkenlopers mee. Op het programma staat een looptocht richting Pellenberg, met enkele hellingen allicht.

De dag na de zware intervaltraining heb ik echt helemaal geen last gehad. Vroeger had ik af en toe  stijve spieren na een zware inspanning; nu blijkt dit (definitief) tot het verleden te behoren. Bovendien heb ik zelfs geen last gehad aan mijn knieën waar ik toch wel voor gevreesd had. Alles wijst erop dat ik vanavond ook de duurloop, of hoogstwaarschijnlijk tempoloop, met de brokkenlopers kan meelopen.

Om 18.15u vertrekken we voor onze looptocht. De snelste brokkenlopers zijn al vlug aan het zicht onttrokken. Zij lopen echt wel een pak sneller. Met zijn vieren blijven we toch samen. De eerste kilometers, langs de smalle straten met veel bochten, gaan niet heel snel. Dan komt er een zware helling aan: de Trolieberg. We lopen dezelfde snelheid, maar stijgen wel meer dan 50m op één kilometer, niet veel later gevolgd door opnieuw 20m hoogtewinst op een halve kilometer. Op beide toppen bereikt mijn hartslag een piek van 170 hs/min en we zijn amper 4 km weg.

Gelukkig volgt daarna een afdaling. Na de afdaling is mijn hartslag niets gedaald! Het begin van de afdaling verloopt nog redelijk rustig. Het tweede deel wordt er niet meer rustig gelopen, maar lopen we stevig door, ik toch. Daarna gaat het snel verder, met kleine hoogteschommelingen. De snelheid ligt steeds boven de 14km/u en dat is duidelijk iets te snel voor mij. Mijn hartslag zakt niet meer onder de 170 hs/min. Het is dan ook met veel moeite dat ik de anderen volg. Elke minuut, bijna elke seconde wil ik zeggen dat de anderen niet moeten wachten. Alsof ze dat überhaupt al zouden doen.

Gelukkig voor mij zit Jeroen ook stilaan aan zijn limiet. Ik kan hem met héél veel moeite volgen en wil hem steeds zeggen: “Ga maar, ik kan niet meer.” Het is echt afzien, op mijn tanden bijten tot op het bot. Bij het oversteken van de Tiensesteenweg is het gelukkig rood licht en moeten we even wachten. Eentje is nog net over; met zijn drieën zijn we maar al te blij dat er een korte pauze is. Hierna lopen we ‘rustig binnen. Het is nog een goede twee kilometer. Ondanks het rustige tempo gaat mijn hartslag opnieuw de hoogte in en blijft hangen rond de 170 hs/min. Dit rustige tempo blijkt achteraf wel 13 km/u te zijn.

Deze trainingsduurloop moet dus gecatalogeerd worden als tempoloop. De snelheid lag duidelijk veel te hoog voor een duurloop. Bovendien kwam de kniepijn weer te voorschijn. Hierdoor besteedde ik extra aandacht aan mijn landing. Ik probeerde zo weinig mogelijk op mijn hiel neer te komen.

Movescount_logo     strava


 

DCLA Intervaltraining, tot op het bot

Het is alweer een tijdje geleden dat ik nog eens de intervaltraining van DCLA gedaan heb. Vandaag, na vier dagen niet te lopen, ga ik trainen met de brokkenlopers van Jeroen.

Na de training van afgelopen vrijdag heb ik voorgenomen om wat rust in te lassen en hoop daarmee dat de pijn in de knieën volledig verdwijnt. ’s Morgens post de trainer, Jeroen, aan wat we ons ’s avonds mogen verwachten op de blog van de brokkenlopers. Voor vanavond zijn er twee opties. Ofwel een snelle grote vijverronde (1360m), gevolgd door een rustige kleine vijverronde (600m). Dit is een klassieke lange intervaltraining. Klassiek, omdat de vijvers nu eenmaal zo groot zijn. Ofwel delen we de grote vijverronde op in kleinere stukken: 500m snel, 100 iets rustiger, 400 snel, 100m iets minder en dan 260m nog net iets sneller, gevolgd door de kleine vijverronde om terug op adem te komen.

De vakantie is klaarblijkelijk voor de meeste afgelopen, want we zijn zo goed als voltallig. Ik kies om te starten met de kleinere stukken. Omdat de groep vrij heterogeen is op vlak van niveau, loopt iedereen op zijn snelheid, gebaseerd op je eigen 800m-tempo. Samen met Jeroen en twee anderen starten we na een 3K-opwarming aan onze eerste snelle ronde. Met een snelheid van 15,5 km/u lopen we de eerste snelle stukken. De laatste 260 van de eerste ronde worden afgelegd aan 17 km/u. Hiermee bereik ik op het einde van de eerste ronde al een hartslag van 171 hs/min.

De tweede ronde verloopt analoog, maar dan net ietsje sneller. Het tweede snelle stuk (400m) wordt zelfs gelopen boven de 18 km/u. De laatste 260m worden volledig gelopen boven de 17km/u met een hartslag op het einde van 174 hs/min. Het rustige rondje rond de kleine vijver (12km/u) is meer dan welkom. De derde snelle ronde verloopt zelfs opnieuw ietsje sneller. In het laatste snelle stuk wordt de snelheid zelfs opgebouwd tot 18 km/u, maar wel met een hartslag die piekt tot 177 hs/min als gevolg.

We geven niet op en beginnen 600m later opnieuw aan een snelle intervalronde. Ook hier wordt het tweede stuk nog sneller gelopen dan het eerste stuk. Door iets te laat te reageren en niet te willen achter blijven, moet ik 19 km/u lopen om bij te benen. De laatste 260m wordt opnieuw al sprintend gelopen, met een opbouw van de snelheid van 15 tot 18,5 km/u. De hartslag bereikt nu zelfs een piek van 179 hs/min. Opnieuw moet het kleine rondje ervoor zorgen dat de ademhaling terug normaal wordt.

Toch geef ik niet op en doe er nog een vijfde snelle ronde bij, maar dit keer in één stuk. In plaats van wisselend tempo (twee minder snelle stukken van 100m) loop ik dit keer de ronde van 1360m als één lang snel stuk. Hier wordt de snelheid steeds gelijk gehouden, zolang de benen en het hart het kunnen volhouden. Met een snelheid van +/- 16 km/u wordt dit rondje afgelegd. De hartslag bedraagt 160 hs/min bij de aanvang en loopt geleidelijk op tot 178 hs/min op het einde van deze ronde.

In totaal wordt de grote vijverronde vijf keer snel afgelegd, vier keer met wisselend tempo en één keer met constant tempo. Toch liggen de rondetijden (volgens Strava) in dezelfde lijn:

Ronde 1: 5’16”
Ronde 1: 5’16”
Ronde 1: 5’18”
Ronde 1: 5’15”
Ronde 1: 5’16”

Het hoeft dan ook niet te verbazen dat dit mijn snelste ronden van de grote vijver zijn. Dit is duidelijk een goede training geweest.

Om af te sluiten lopen we nog twee grote ronden en terug naar de atletiekpiste (4,5km) als cooling down.

Movescount_logo     strava

 

DCLA duurloop in omgekeerde richting

Vrijdagavond staat, zoals steeds, in het teken van de DCLA-training. Niet alleen voor mezelf, maar ook voor Tibo en Tobi, staat er tussen 18u en 20u steevast de training geprogrammeerd.

Als recreant train ik niet op de piste, maar lopen we onze intervals in het provinciaal domein en onze duurloop in de straten rond Kessel-Lo. Om voor wat afwisseling te zorgen, lopen we niet altijd hetzelfde parcours. Vorige week lieten we onze fantasie de vrije loop. Vandaag kiezen we ervoor om onze zomertoer in omgekeerde richting te lopen, met kleine aanpassingen.

Op dit ogenblik is mijn niveau iets beter dan de meeste van de groep van Miel, waarmee ik vorig jaar gestart ben en met veel moeite kon volgen. Intussen loop ik al heel wat beter en kan op het einde nog goed versnellen. In goede dagen loop ik mee met de ‘brokkenlopers’ of de groep van Jeroen. In deze groep ben ik opnieuw de zwakste. Door een steeds zeurende pijn in mijn knieën, wil ik zeker niet te snel lopen vandaag en kies dan ook voor de groep van Miel.

Ondanks de vrij lage snelheid blijf ik wat last hebben van mijn knieën; de linkse zelfs nog iets meer dan de rechtse. Na enkele kilometer heb ik toch de indruk dat de pijn iets minder is. Het is natuurlijk ook zo dat ik me dan ook meer moet concentreren op de loop zelf. In het bos lopen vraagt wel degelijk meer concentratie en zeker als je net achter iemand anders loopt. Je hebt dan moeilijker een overzicht op de grond voor je. Het is dan heel goed uitkijken waar je je voeten zet. Bovendien heeft het fel geregend en liggen er overal plassen. Dubbel uitkijken dus.

Ik let bij deze loop helemaal niet op het tempo, noch op de hartslag. Het enige wat ik vandaag doe, is de rest volgen. De laatste kilometers worden gelopen zoals vorige week. Hier neem ik iets meer het voortouw, maar bij elke bocht houd ik even in, zodat de rest opnieuw volgt. Om toch even wat snelheid te lopen, ga ik op het einde een stuk van de Finse piste erbij nemen. Dat stuk loop ik dan even heel intensief, met een hartslag die piekt op 175 hs/min. Op die manier ga ik eventjes wat dieper en doe ik iets meer dan 15K in plaats van iets minder.

De pijn in de knie is nooit volledig weggeweest. Ik zal de komende dagen helemaal niets doen en hopen dat daarmee de pijn volledig verdwijnt. Dat zien we op woensdag wel.

Movescount_logo     strava


 

Zelfde toer, andere collega

Zoals je kan lezen, loop ik tijdens mijn middagpauze, vaak met collega’s. Vandaag doe ik onze traditionele toer, de Sequoia, maar dit maal met een andere collega. Hij loopt zelden tijdens de middag en ook vandaag lopen we in de namiddag.

Het is natuurlijk niet iemand die voor de eerste keer loopt, maar eerder op een ander moment en via andere wegen. Omdat ik zelf niet kon lopen tijdens de middag, zoek ik een ander ‘slachtoffer’ om samen te kunnen lopen. Terwijl de anderen een koffie drinken in de namiddag, kleden wij ons om en trekken erop uit. Dit keer speel ik als gids en begeleid hem langs de bekende omloop langs het sportkot, het kasteel Arenberg en in het bos rond het oude Jezuïetenklooster.

Hij is ook niet aan zijn proefstuk toe. Naast voetbal en zwemmen, doet deze collega ook regelmatig een looptraining. We lopen dan ook vlot aan 12 km/u. Het is een snelheid die we beide goed kunnen lopen, want er kan gedurend nog een gesprekje af. Het gaat zelfs zo goed, dat we samen besluiten om een extra rondje van de Finse piste lopen. Deze extra kilometer lopen we heel wat intensiever.

Na de Finse piste keren we via de normale weg terug naar onze startplaats. Het was een leuke training en dit ondanks het regenweer.

Movescount_logo     strava


 

Sequoia, met versnellingen

Ondanks de wedstrijd van gisteren, loop ik toch ook op maandag tijdens mijn middagpauze. Het zou eigenlijk een herstelloopje moeten worden en hoop dat ik samen met iemand kan blijven zodat ik niet onnodig ga versnellen.

De eerste collega’s  zijn al vertrokken wanneer ik mij nog moet omkleden. Gelukkig blijft er nog iemand over waarmee ik kan samenlopen. Het omkleden gaat vlot, maar we zullen toch wel enkele minuten moeten goed maken als we de anderen willen inhalen.

We lopen relatief vlot, zonder echt te snel van start te gaan. Toch duurt het niet lang vooraleer we de twee vroege vogels te pakken hebben. Niet veel later loop ik met eentje van de vroegere vertrekkers iets sneller en houd zo mijn gemiddelde snelheid op peil. Als herstelloop kan dit zeker tellen. De snelheid blijft toch in de buurt van de 12 km/u liggen.

Ter hoogte van de studentenresidentie aan de expressweg hoor ik dat ik best wat doorloop. Ik trek vrij snel op en loop de volgende kilometer in 4’17”. Met nog een kleine versnelling, boven de 15 km/u, haal ik opnieuw de collega’s in die een iets kleiner toertje gelopen hebben. Opnieuw blijf ik bij hen. Ik wou eigenlijk heel rustig lopen, weet je nog?

Voorbij de tunnel voel ik me helemaal relaxed met een hartslag rond de 140 hs/min. Dit is toch wel een mooie loop geweest, met verschillende tempowissels, en dus een mooie voorbereiding om nog eens voluit te gaan op de Karmelietenberg. Tot op heden ben ik steeds blijven steken op 20s.
Juist op het moment dat ik wil versnellen, komt er een auto aan en moet ik inhouden. Onmiddellijk daarna versnel ik en loop maximaal de berg omhoog. Daarna moet ik wel rustig uitlopen tot aan het vertrekpunt.

Achteraf blijkt dat ik mijn snelste tijd gelopen heb: 19s en daarmee kom ik op een gedeelte eerste plaats.

2016-08-01

Movescount_logo     strava


 

DCLA duurloop, maar dan anders

Op vrijdagavond loop ik samen met de collega’s van DCLA een duurloop van om en bij de 15km. Om routine te vermijden, lopen we dit keer niet de gewone zomertoer, maar improviseren we erop los. De hellingen worden gebruikt om wat te versnellen, waardoor de hartslag enkele keren serieus de hoogte in gaat. 2016-07-29-1

Op het afgesproken uur vertrekken we met enkele lopers van DCLA voor onze wekelijkse duurloop. Veel volk is er tijdens de vakantie niet, maar met zijn zessen vormen we toch een mooi loopgroepje. Voor het vertrek hoorde ik enkele praten om wat af te wijken van het gewone parcours en ik laat me dus verrassen dit keer.  De eerste kilometers verlopen zoals steeds, zijnde langs het gekende Negenbunderpad en aan een rustige snelheid.

In Lindenbos wijken we wel degelijk af van het gekende parcours. Na een kleine vergissing nemen we het pad langs de zuidkant van het bos, maar waardoor we wel een serieuze helling te verwerken krijgen. Door de versnelling op het einde van de helling, krijg ik mijn eerste hartslagpiek (152 hs/min).

Tijdens het lopen hoorde ik spreken over de kerk van Linden en vanuit dit bos wees ik de anderen de weg naar deze kerk. Na een smal padje lopen we de Vossekoten in. Dit weggetje, dat bijna passeert bij mij thuis, brengt ons, al klimmend, voorbij de watertoren. Omdat ik mijn eerste loopervaring in Linden opdeed langs deze weg, neem ik de groep mee op sleeptouw. We volgen een heel eind het rode mountainbike parcours van Lubbeek.

Sommige zandweggetjes liggen er slecht bij. In het Natte voorjaar zijn deze kapot gereden door de mountainbikers waardoor het goed uitkijken is om de voeten niet om te slaan. Het tempo gaat hierdoor iets naar beneden. Gelukkig geraken we er allemaal goed door en komen zo terug op bekend terrein voor iedereen.

Na iets meer dan 9K lopen we in de richting van Kessel-Lo. Nu is het de bedoeling om aan min of meer de juiste afstand te halen wanneer we terug aan de atletiekpiste komen. Iedereen weet wel een mooi weggetje richting Kessel-Lo en zo lopen we via de Sneppenstraat en via de nieuwe wijk in Vlierbeek richting DCLA. Met nog een klein rondje over het gras aan de binnenkant van de piste kom ik aan een volle 15K.

Door het afwisselend tempo hebben we weer een mooie training achter de rug.

Movescount_logo     strava