Categorie archieven: Training

20 km door Brussel

20km van Brussel
20km van Brussel

Zoals elk jaar, of toch zoals de laatste, ben ik dit jaar ook ingeschreven voor de 20 km door Brussel. Dit massa-evenement is ook gekend voor deelname via en voor de vele goede doelen. In mijn geval is dat enigszins anders. Ik neem deel via mijn werkgever.  Hier is het niet het doel om geld in te zamelen, maar wel om Defensie op een sportieve en positieve manier in de kijker te zetten.

Enkele maanden voor de wedstrijd had ik me al opgegeven om te kunnen deelnemen aan deze 20 km door Brussel. Om tussen de tienduizenden lopers toch zichtbaar te zijn, wordt er gevraagd om in groep te lopen. Eén groep vormen blijkt niet te werken. Zelfs drie groepen (1u30′, 1u45′ en 2u) vormen, was geen succes en daarom werd er dit jaar geopteerd om in vier groepen te lopen, gaande van 1u20′ tot 2u00′. Omdat ik vorig jaar de groep van 1u30′ vlot kon volgen, koos ik dit jaar voor de nieuwe, snelste groep: die van 1u20′. Hiermee moest ik dan wel een gemiddelde van 4′ min/km of 15km/u kunnen lopen op het niet vlakke parcours. In principe en met een goede voorbereiding zou dit net kunnen lukken.

Met de Great Breweries Marathon in aantocht heb ik meer dan voldoende motivatie om te blijven trainen. Anderzijds lijkt me 1u20′ iets te optimistisch om dit te lopen op slechts één week voor een marathon. Sommigen spreken al van drie weken taperen voor een marathon en ik zou één week voordien nog een intensieve 20 km doen. Geen goed plan, mijn gedacht.

Door omstandigheden waren er geen T-shirts voorzien!! Hierdoor is het hele idee om in groep te lopen zinloos geworden. Ik kan dus mijn eigen tempo lopen en ben dat dan ook van plan. Het wordt dus de bedoeling om niet te snel te starten en puur op gevoel te blijven lopen. De weersomstandigheden zijn ons iets te gunstig gezind en zorgen voor een heel warme en zwoele zondag. Enkele minuten voor de start vallen er enkele druppels, maar je moet al geluk hebben om er veel te voelen. Of ben ik dan toch zo mager dat de druppels steeds naast me vallen? In ieder geval, het blijft vrij warm en extreem zwoel, ook al houden de wolken de zon deels van ons weg.

Start 20km van Brussel
Start 20km van Brussel
Start 20km van Brussel
Start 20km van Brussel

Bij massa-loopwedstrijden, zoals deze, is het de eerste kilometers uitkijken naar een gaatje om toch min of meer te kunnen lopen. Té snel starten was sowieso niet mogelijk. Ik stond weliswaar in het eerste startvak, maar niet echt vooraan. Zonder echt snel te starten blijkt toch dat mijn geplande snelheid veel hoger lag dan de meeste lopers voor mij. Sommigen, eigenlijk wel velen, beseffen niet waarvoor die startvakken dienen gaan rustig joggend van start vanuit dit eerste vak, waar toch wel heel velen er wel een wedstrijd van willen maken. Ondanks mijn hoofddoel, laatste deftige trainingsloop voor de marathon van volgende week, is het zigzaggen, stoeplopen, springen, … om toch normaal vooruit te geraken.

Half 20km van Brussel
Half 20km van Brussel

Door de voorspellingen van het heel warme weer zijn er ook extra drankposten voorzien. De eerste passeren we reeds na 2,5km. Ik zeg ‘passeren’ want door de drukte is het te moeilijk om er en flesje te bemachtigen en loop ik maar in het midden van de weg verder richting tunnel van de Louizalaan.

Park 20km van Brussel

Vanaf hier is er iets meer plaats en kan ik helemaal op mijn gevoel lopen. Het blijft echt wel uitkijken naar medelopers en opletten om niet ten val te komen.

Tijdens het lopen, nog steeds op gevoel, valt het mij op hoeveel toeschouwers er staan. Deze wedstrijd is niet alleen populair bij lopers, maar duidelijk ook bij Brusselaars, supporters, … Er zijn maar weinig plaatsen waar het stil is. Bovendien zie ik ook hoeveel groepjes er zijn die een rolstoel of verbeterde versie ervan, voortduwen. Zowel de lopers als de ‘passagiers’ worden terecht heel veel aangemoedigd.

   Half 20km van Brussel  Eind 20km van Brussel  Eind 20km van Brussel

Gelukkig heb ik de andere drankposten niet meer zomaar gepasseerd en heb overal een flesje gekregen/genomen. Dit water werd zowel gebruikt om te drinken als voor extra afkoeling. Voorzichtig bracht ik steeds met mijn hand wat water naar mijn hoofd en gezicht. Ondanks de iets minder warme temperaturen dan gevreesd, was het echt wel heel zwaar weer om te lopen.

Eind 20km van Brussel  Eind 20km van Brussel   Eind 20km van Brussel

 

Hieronder nog eens alle foto’s:

Halve marathon van Lier

Op zaterdag 25 maart organiseert AC Lyra, de de finale van het 15° Natuurloopcriterium -Memorial Jef Breugelmans. Na de afgelasting van de vorige natuurloop door sneeuwval kreeg ik de mogelijkheid om mijn inschrijving gemakkelijk over te boeken naar deze wedstrijd. Op het programma staan meerdere wedstrijden maar, zoals steeds, kies ik voor de langste afstand en dat is dit keer een halve marathon. Twee weken voor mijn marathon (Rome, 8 april) komt deze halve marathon ideaal als laatste test. Volgens de meeste schema mag je enkel nog lopen aan je marathon-tempo, maar mezelf kennende weet ik dat ik er een wedstrijd van maak en me niet ga inhouden om aan het verwachte marathontempo te lopen. Tenminste, als ik mijn gehoopte snelheid al zo lang kan aanhouden!!

Ruim op tijd ben ik al ter plaatse, zodat ik me rustig kan voorbereiden (nummer afhalen en opsteken, nog wat drinken, …). Niet veel later zie ik mijn collega-brokkenloper, Bram, die hier ook zijn beste zelve wil boven halen. Het weer is ons dit keer al gunstig gezind. Het is echt mooi zonnig weer, met af en toe een sluierwolk en een aangename temperatuur. Ik kan zelfs lopen met korte short en singlet!

Een half uur voor de eigenlijke start begin ik toch wel aan mijn opwarming. Door het extra rustige wachten is het alsof ik uit een winterslaap kom en voelen de benen echt wel zwaar aan. Afgelopen vrijdag heb ik nog een vrij zware interval-training (4k – 2x2k – 2x1k) afgewerkt en ik vrees dat ik nog niet volledig gerecupereerd ben.

Na een gezellig babbeltje met enkele lokale lopers, hoor ik opeens:”Nog twee minuten!” en ga ik toch mijn plaats innemen in het startvak. Niet veel later zijn we weg. Starten is nooit mijn sterkste element en ook hier is het wat wringen om het juiste tempo te kunnen lopen zonder andere lopers te raken. Na één kilometer wil ik kijken welke tijd ik erover gedaan heb, maar besef dan pas dat de ‘autolap’ functie uit staat. Deze had ik afgezet voor de intervaltraining en vergeten om opnieuw aan te zetten. Zelfs tijdens de opwarming heb ik dit niet gemerkt. Tijdens een training zou ik dit vlug aanzetten, maar vandaag wil ik me volledig concentreren op de wedstrijd.

De kopgroep gaat iets te snel en ik blijf op mijn gevoel lopen en check regelmatig mijn hartslag. Deze zou toch wel onder de 165 hs/min moeten blijven en daarom moet ik iets vertragen. Na twee kilometer zie ik mijn chrono maar net boven de 7 min staan en ga ervan uit dat ik te snel vertrokken ben. De kopgroep is intussen al een eindje voor me, maar ik heb nog net kunnen tellen dat er een tiental lopers voor me zijn en dat ik dus op een elfde plaats loop. Deze plaats houden zou al heel mooi zijn. Vlak achter me hoor en voel ik nog lopers en dan begint de concurrentie te spelen. Moet ik toelaten dat ze uit de wind lopen? Ga ik vertragen zodat ik achter iemand kan lopen of versnel ik om ervan eg te lopen?

Bij verschillende haarspeldbochten is er telkens een loper die de bocht vroeger afsnijdt en daardoor telkens voor me uitkomt. Ook al loop ik enkel voor mezelf, toch werkt dit storend. Ondanks ik op die manier iemand opnieuw voor me heb en me zelf uit  de wind kan zetten, heb ik de indruk dat hij opzettelijk vertraagd om me niet langer te laten profiteren. Bij een zoveelste keer hetzelfde manoeuvre neem ik toch iets sneller over zodat ook hij niet te lang achter mij kan hangen. Vooral de manier waarop hij me telkens inhaalt, blijft me storen. Op het 5km-punt kijk ik naar mijn horloge en zie daar ook exact 5k staan. De kilometeraanduiding én de horloge komen perfect overeen: een eerste pluim voor de organisatie. De chrono duidt amper 18’30” aan! Dit is veruit mijn snelste 5k. Hopelijk ben ik niet te voortvarend van start gegaan.

Na een derde wedstrijd komen er drie dergelijke bochten achter elkaar, inclusief enkele stevige hellingen om de brug over te lopen. Hierna heb ik er geen last meer van en loop ik ook veel rustiger en met ogen vooruit. Voor mij zie ik de eerste loper die uit de kopgroep heeft  moet lossen; als deze groep überhaupt nog bestaat. Na het inhalen, tel ik mezelf op een tiende plaats en dat geeft toch wel een goed gevoel: een toptien plaats zit erin. Ik blijf regelmatig mijn horloge checken en de hartslag blijft stabiel, maar wat scheelt er met de snelheid? Deze duidt steeds een tempo aan rond de 3’45″/km en dit is toch veel te snel?? Het gevoel zegt nochtans dat ik niet overdrijf en het goed gevoel neemt het volledig over. Dit is genieten in de puurste vorm.

Het tempo constant houden blijft de boodschap. Fysisch blijft het mogelijk; de focus ligt nu op de concentratie. Quasi de volledige wedstrijd speelt zich langs het water en zorgt voor niet te veel afwisseling. Doordat ik mijn tempo goed kan vasthouden en sommige voor mij iets minder, krijg ik vaak een andere loper in het vizier. Ondanks de andere afstanden, zijn er weinig lopers van de andere afstanden in te halen. Op deze manier kan ik toch enkele lopers inhalen. Bij de laatste herbevoorrading haal ik nog een loper in en hang hiermee op de zevende plaats. Toch komt hij iets later opnieuw voorbij en hij heeft duidelijk nog overschot. Toch kan ik bij hem blijven en kan er zelfs een korte babbel af.

Op die manier komen we samen aan op de piste en deze laatste 400m probeer ik nog wat te versnellen. Is het uit sympathie of zou hij echt niet sneller kunnen, maar ik loop toch wel van hem weg en kom zo toch alleen op de finishfoto te staan. Een zevende plaats, maar vooral een eindtijd van ongeveer 1u18′ doet me glunderen! Mijn vorige besttijd ligt in de buurt van de 1u25′, waardoor ik deze verbeter met meer dan 6 min! Ben ik dan echt zoveel verbeterd?

De eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat alles wel mee zat. Ik ben op twee weken voor een marathon en ben dus in de ideale periode met veel trainingskilometers. Bovendien zaten de weersomstandigheden echt wel goed. Ondanks meerdere echt te scherpe haarspeldbochten waren er veel lange rechte stukken. Met uitzondering van de brug waar we langs alle kanten op moeten, is het vrij vlak. Toch denk ik dat ik het meeste verschil gemaakt heb met de schoenen. Dit is mijn eerste wedstrijd met de Nike Vaporfly 4% en het is bij deze bewezen dat je hiermee sneller loopt. Hoeveel voordeel ze opleveren zal ook ik je niet kunnen zeggen, maar ze doen je echt wel sneller lopen. Anderzijds zijn ze echt gemaakt voor elitelopers en voor lopers met een voorvoetlanding. In mijn geval is het duidelijk dat mijn hiel ook nog te veel de grond raakt.

        

 

Een woordje van dank is zeker op zijn plaats aan alle medewerkers voor en achter de schermen, die zorgden voor een zo goed als PERFECTE organisatie, zowel de inschrijving, het parcours, de kilometeraanduiding, de bevoorrading, de speaker, … maakte van deze wedstrijd een groot plezier.

Uitslag: 21km

Reportage van rtv:

Rest van februari: combinatie van blessure en trainen

Na het doktersbezoek van maandag was ik toch wel aangedaan. Het was duidelijk dat deze pijn er niet zomaar is. Het zal dan ook een week niet (te veel) lopen zijn. Preventief is al niet meer juist, eerder correctief ga ik nu een week ontstekingsremmers nemen en regelmatig de voetzool koelen met ijs. Hopelijk krijgen we daarmee de ontsteking van de aanhechting van het peesblad (fascia plantaris) onder de voet op het hielbeen. Dit is een hele boterham om niet te moeten spreken van hielspoor.

Er is weinig aan te doen behalve een combinatie van onderstaande maatregelen, tenminste als je er nog niet te lang last van hebt, zoals ik dus.

  • OntstekingsremmersU kunt een periode ontstekingsremmers zoals Ibuprofen nemen
  • IJsapplicatieDe ontsteking kan verminderen door ijs te leggen ter hoogte van de pijnlijke plaats op de hiel
  • Aanpassen van de activiteiten: Tijdelijk de belasting verminderen door minder te sporten
  • Stretch oefeningenStretching van de fascia plantaris en de achillespees door 3x per dag verschillende stretchoefeningen te doen. Uw orthopeed zal u een formulier geven met hierop de oefeningen of u kan deze aanleren met de kinesist.

Na een weekje was het al iets beter, maar nog zeker niet weg. Langer wachten om te gaan lopen, kan/wil ik niet en loop ik op zaterdag nog eens richting Pellenberg en doe een 15km aan een aardig tempo (4’23″/km). De pijn is te doen en dus besluit ik om de dag nadien het rondje via Horst en Kessel-Lo te doen. Wat de schoenen betreft liep ik zaterdag met Asics Kayano 23 en op zondag met de Saucony Guide 10S. Deze laatste zijn duidelijk niet zo goed in deze omstandigheden. De pijn was terug aanwezig en 23km lopen, ook aan rustig tempo, doet duidelijk niet goed.

Nu maak ik me pas echt zorgen. 8 weken voor de marathon van Rome en ik kan niet eens pijnvrij lopen!! En kom vooral niet af dat ik moet rusten!!

Na een rustdag op maandag is het dinsdag opnieuw tijd om te lopen. Veel zin om een nieuw parcours te vinden is er niet en daarom loop ik nog eens op en af naar The Shelter, goed voor 14km. Hierin steek ik toch wel wat tempowerk. Het is vooral dit tempowerk waar ik hopelijk een verbetering ga merken tijdens de marathon. Tempo en LSD zijn volgens mij de basistrainingen voor een marathon. Teveel tempowerk kan ik sowieso niet doen, omdat mijn loopstelsel die hoge belasting niet toelaat. Het blijft dansen op een slappe koord.

Amper één dag later maak ik er een extra sportieve dag van. In de namiddag haal ik de koersfiets eens buiten en doe een rondje van een goede 22km in iets meer dan drie kwartier. Het is zeker nog niet veel, maar dit wordt misschien wel begin van een hele fietscarrière. Alhoewel, hieraan twijfel ik zelf nog wel. Ondanks deze fietstocht ga ik ’s avonds naar de training van DCLA. Op het programma van de brokkenlopers staat dit keer iets nieuws en zelfs met twee keuzes. Ik kies het eenvoudigste model, zijnde 3 à 4 x (1000-200R-600-200R-1000-400R). Ik blijf toch iets meer focussen op langere afstand en geef de voorkeur aan 4x en loop de intervallen iets langzamer dan anders, zijnde aan 22″ à 22,5″/100m. Het wordt hierdoor een langere training en ik kijk er dan ook tevreden op terug. De hartslag blijft steeds net onder de 170 hs/min, waardoor dit een perfecte training is voor een verhoging van de VO2max. Dit wordt dan ook een vrij lange intervaltraining.

Donderdag wordt geen complete rustdag, maar crosstrainingsdag. Op de middag ga ik nog eens zwemmen en leg 2000m af in drie kwartier. Na de fietsbeurt van gisteren ben ik precies op weg om triatleet te worden. Toch houd ik het voorlopig op lopen.

Op vrijdag is het dan weer tijd voor een duurloop. In plaats van de training af te wachten, kies ik voor de zonnige namiddag en trek hiervoor mijn nieuwe Nike Zoom Fly’s aan. Benieuwd wat dit gaat geven. Voor het eigenlijke vertrek lijkt het net dat je op hoge hakken loopt, maar het wordt al snel duidelijk dat dit mijn nieuwe favoriete schoenen gaan worden. Mijn Garmin horloge weet niet wat er gebeurt, want de ‘Performance condition’ duidt een +5 aan. De duurloop via Horst en terug via Kessel-Lo, goed voor 23km worden dan ook sneller dan een normale duurloop gelopen, zijnde aan een tempo van 4’03″/km en dit aan een hartslag rond de 155 hs/min. Dit is gewoonweg schitterend voor mij.

Zondag is het dan weer het uitgelezen moment voor een echt langere duurloop. Dit moet dus zeker niet zo snel gebeuren en daarom niet opnieuw met de Nike’s, maar met de Guide 10S van Saucony. Na een 10k begint de pijn in de voet meer dan gewoon voelbaar te worden. De koppige ‘ik’ houd zich aan het (niet-bestaand) schema en loopt dus nog 23km verder met pijn. De pijn wordt daarmee alleen maar erger, tot extreem toe. Deze schoenen zijn dus niet geschikt voor mij en moeten weg. Iemand kandidaat?? Ondanks de pijn loop ik de 33km toch in 2,5u, wat neerkomt op een gemiddeld tempo van 4’30″/km met een gem. hartslag van 144 hs/min.

Hiermee sluit ik deze week af met 92 goede loopkilometers, een fietstocht en een zwemsessie én met drie keer op en af naar het werk met de fiets. Zo heb ik het graag!

Na deze topweek volgt een week van lopen en letten op de pijn. Dinsdag loop ik, met Asics Kayano dit keer, een tochtje van een goede 15km aan 4’30” en het blijft goed voelbaar. De intervaltraining op woensdag pas ik zelf een beetje aan en ga voor 5x (1000-200R-800-400R). Na 4x besluit ik toch maar om er mee op te houden. De pijn komt steeds maar meer opzetten. Dit is echt niet goed. Opnieuw moet ik extra rust inbouwen. Tot het weekend. Op zaterdag doe ik een kort tempoloopje van 12km met een snel einde en op zondag wil ik profiteren van de oostenwind en een stevige tempoloop doen op mijn vertrouwde parcours via Horst naar Kessel-Lo. Na 4km wil ik 15km een hoog tempo aanhouden, een ‘beetje’ geholpen door de wind. Spijtig genoeg, niet op de volledige 15km waardoor de laatste 3km nog vrij zwaar worden, zeker de laatste kilometer. Het is niet alleen de laatste, maar ook wind op kop en stijgend. Als dat geen doorbijten was om deze aan 3’52” te kunnen lopen!!

Hiermee kan ik een pijnlijke week toch relatief positief afsluiten. Alleen weten jullie nu dat de snelle 15km toch wel een beetje te danken zijn aan de goed gerichte wind tussen Horst en Kessel-Lo. Men zegge het vooral niet voort

Weer een weekje verder richting Rome

Het jaar zit intussen in de tweede maand en de marathons van het voorjaar komen er snel aan. Het wordt hoog tijd om een tandje bij te steken en de lange duurlopen langer te maken en de tempolopen nog wat sneller.

Door de knieproblemen van Tibo kan er niet meer met de fiets naar het werk gereden worden. Deze week zijn er dus geen fietskilometers te melden. Naast het lopen kan ik ’s avonds gelukkig nog iets actief doen, zijnde pingpongen of tafeltennis.

Na de duurloop van afgelopen zondag heb ik op maandag een dag rust nodig. Het lukt me nog steeds niet om het aantal trainingen te verhogen. Mijn lichaam herstelt niet snel genoeg, zoals ik graag zou hebben. Met nieuwe lichte trailschoenen loop ik heen en terug naar The Shelter (2x7km). Er staat toch wel wat wind en ik moet wachten tot het terugkeren om er voordeel uit te halen. De schoenen voelen door de stoffen bovenkant echt licht aan en nodigen uit om wat sneller te lopen. Het ligt vrij drassig en dit hindert me niet om af en toe eens niet weg te moeten springen. Toch moet je met dergelijke schoenen nog steeds uitkijken. Op een modderplas blijft het vrij glad en heb je niet altijd voldoende grip. Met een hartslag net onder de 160 hs/min ligt het tempo vrij hoog en zelfs nog iets hoger tijdens het teruglopen. Na 14km is de klok maar net het uur gepasseerd. De duurloop van zondag is verteerd en hopelijk kan ik morgen opnieuw volop gaan tijdens de DCLA intervaltraining op de piste.

 

Zoals net gezegd staat er de dag na de tempoloop een intervaltraining op het programma. Dit keer lopen we 2 duizendjes en daarna dubbele rondjes (=800m). Het tempo hiervoor ligt op 21″/100m. Bij de eerste twee kilometers lukt het om ze in 3’31” en 3’29” af te leggen. Hierna blijven er nog 6x800m af te leggen in hetzelfde tempo. Alle 800m worden effectief afgelegd in 2’46”-2’47”. Met dank aan het tempowerk van de hazen. We wisselen om de beurt mooi af om de kop te nemen en zo het tempo te bepalen. Op die manier moet er maar eentje regelmatig zijn horloge controleren en kan de rest zich concentreren op het lopen. Bij deze snelheden ligt mijn cadans mooi net boven de 180 stappen per minuut. Het mag dan ook een goede training genoemd worden.

 

Na een complete rustdag verleng ik op vrijdag de wintertoer door van thuis uit te vertrekken. Ik loop van thuis uit, tegen het startuur, naar DCLA om met de brokkenlopers de wintertoer te lopen. Iets te laat vertrekken betekent dat ik al vrij vlot moet doorlopen om tijdig aan de start te verschijnen. De wintertoer van 15,4km wordt niet supersnel, maar toch zonder joggen afgewerkt in 66’16” (=4’19″/km) waarna ik nog naar huis moet lopen. Het naar huis lopen probeer ik te doen aan dezelfde snelheid (4’17″/km). Hierdoor wordt deze langere duurloop meer een tempoloop. Toch ben ik tevreden van deze avond.

 

Na opnieuw een rustdag is het op zondag weer tijd voor het langere werk. Toch moet ik dit keer wachten tot de vooravond, omdat op de middag het provinciaal kampioenschap veldlopen voorrang krijgt. Dit keer pas ik voor de veldloop en kies voor het verharde asfalt. Zonder veel nadenken loop ik opnieuw 25km en dit voor de zoveelste keer via Horst en Kessel-Lo. Door de koude noordoosten wind houd ik het tempo er goed in om zeker geen koud te krijgen. De enige wijziging met de vorige 25k is dat ik nu wacht tot in Linden (en niet in het provinciaal domein) om de 2k extra te lopen. Al bij al mag ik blij zijn met een gemiddeld tempo van 4’22″/km, ook al heb ik hier gemiddeld 154 hs/min voor nodig.
Toch voel ik me alles behalve blij. Er komt een stekende pijn uit mijn rechter voetzool en dit is duidelijk geen spierpijn. Dit lijkt fel op opkomend hielspoor of Fasciitis Plantaris. Morgen toch eens langs de dokter passeren.

 

Deze week sluit ik af met iets meer dan 80km op de teller. Dit is al redelijk, maar ik had er graag nog wat meer gedaan.

 

 

week 4 – 2018

Deze week wordt een drukke werkweek en daardoor zal het puzzelen worden om er een looptraining bij te krijgen. Bovendien zorgt deze speciale werkweek voor extra ‘warme’ maaltijden. Alleen al om de weegschaal niet te veel te doen uitwijken zal er moeten gelopen worden. Op maandag begint al niet zo goed en heb ik ’s avonds enkel een beetje tijd om aan core stability te doen. De opwarming hiervoor doe ik op de loopband en hiervan maak ik nuttig gebruik om de nieuwe Nike’s eens te testen, zowel de Nike Zoom Fly als de Nike Zoom Vaporfly 4% worden voor een eerste keer aangetrokken. Het allereerste wat opvalt is de hoogte van de voetzool en de grote drop.  Ik heb deze in dezelfde maat als de mijn andere loopschoenen en dat lijkt hier een beetje nipt te zijn. Na enkele minuten gelopen te hebben, blijken ze toch goed mee te vallen. De dunnere Nike sokken komen hier nog beter tot hun recht. Benieuwd wat deze schoenen waard zijn op de weg, maar daarvoor moet het wat droger en aangenamer weer worden. De Core Stability bestaat uit voornamelijk enkele basisoefeningen, zoals plank voorwaarts, links en rechts en lunges (grotere stap voorwaarts met doorbuigen).

Dinsdag was er helemaal geen tijd, maar zag ik gelukkig een ‘gaatje’ net voor het avondeten. Het was bij de start al wel bijna donker en dus zocht ik een alternatief parcours met het tweede gedeelte via de openbare wegen. Om toch voldoende afstand te kunnen afleggen, houd ik het tempo iets hoger. Eénmaal in het donker en op de weg is het voor mij ongekend terrein. Het niet-verwachte gebeurde toch; ik loop verloren. Op een bepaald moment loop ik door de modder en eindig in een schuilhut voor vogelliefhebbers. Rechtsomkeer dan maar en hopen dat ik terug in de goede richting loop. Zonder te beseffen hoe laat het is loop ik in dit tempo verder richting werk. Op het uur dat er moet gegeten worden, kom ik pas aan. Na een ultravlugge douche kom ik niet veel te laat aan in het restaurant. Ik heb toch mijn training kunnen doen 😉

 

Op woensdag en donderdag beperkt het sportieve zich tot het fietsend woon-werk-verkeer en een uurtje tafeltennis met de kids. Vrijdag is het opnieuw een normale werkdag en kan ik gelukkig tijd vrijmaken om overdag, bij daglicht, te lopen. Het wordt toch een iets langere duurloop door Heverleebos en Meerdaalwoud van een 20-tal kilometer. Hopelijk heb ik er morgen, met een veldloop op de agenda, niet te veel hinder van. De GPS had het wel moeilijk en koos zijn eigen weg.

 

Op zaterdag heb ik nog een veldloop op de agenda staan. Vorig jaar liep Tobi naar een overwinning in Sint-Truiden en dit jaar wil hij dit opnieuw proberen. Wij gaan dus samen naar de avondcross van TACT en gaan er beide onze wedstrijd lopen. Er zijn dit keer geen collega’s van DCLA Leuven aanwezig, maar wel van DCLA Halen en aan hen had ik al beloofd dat we zouden aanwezig zijn. Tibo heeft een probleem met zijn knie en kan er niet bij zijn.
Tobi deelt zijn wedstrijd perfect in. Bij de eerste doortocht na 1/3 wedstrijd komt hij door als derde. Na het rondje in het bos, op 200m van de aankomst hangt hij eerste met een enorme voorsprong op de eerste achtervolgers. Hij heeft zijn doel alvast bereikt.

Daarna doe ik samen met enkele collega’s van DCLA Halen enkele rondjes opwarming en iets over 19u is het dan aan de Masters voor hun veldcross in het donker met her en der een mooie LED-lamp. Zoals steeds is de start een drukke bedoening en probeer ik de eerste 500m al wat plaatsen goed te maken. Gelukkig kom ik opnieuw net achter Tom van DCLA Halen te hangen en kan er enkele ronden bij blijven. In de laatste ronden worden alle registers open getrokken en worden de reserves opgebruikt. Ik kan hem en enkele anderen inhalen en moet nu mijn plaats proberen te verdedigen. De laatste kilometer is het dus alles op alles en ondanks de dreigende geluiden net achter me kan ik mijn plaats (12/48) behouden.

 

Daags na de veldloop ga ik niet gewoon uitlopen, maar loop ik een langere duurloop over mijn min of meer vast parcours, zijnde via Horst en Kessel-Lo. Dit keer doe ik nog een extra rondje door het provinciaal domein om zeker 25K te hebben als ik thuiskom.

 

 

 

Na twee komt drie

Intussen is het jaar al verder gevorderd en zijn we minder dan drie maanden voor de marathon van Rome. Er moet dus dringend schemagewijs aan de marathonvoorbereiding gewerkt worden.

Een schema opstellen is eigenlijk grof werk met chirurgische precisie. Je moet rekening houden met heel veel zaken, zoals werk- en privékalender, fysieke conditie, maximum belasting en opbouwend zodat de piek op de dag van de marathon valt. Dit is voor mij 8 april. Met amper enkele jaren ervaring en veel lezen tracht ik om zelf een schema op te stellen. Eigenlijk begon mijn schema reeds vorige week en hier heb ik zeker de nodige kilometers en intensiteit gehaald. Deze was het andere koek.

Op maandag, na de zware trail training had ik nog zeker voldoende energie om de week goed te starten en liep naar The Shelter. De eerste helft was met veel tegenwind en hield ik de snelheid juist hoog genoeg om de terugweg, met rugwind, zo snel mogelijk te lopen. Van km 7 tot 11,6 liep ik heel wat sneller dan marathontempo met een hartslag van hoog in de 170 hs/min, kort tegen het maximum.

Daags nadien had ik het geweten. Mijn kuiten waren net Ardense rotsblokken. Het heeft dus geen zin om deze vandaag nog verder te belasten. Erger zelfs, op woensdag was het nog steeds het geval. De intervaltraining heb ik dus ook aan mij laten voorbijgaan. Zou dit een overbelasting zijn?

Op donderdag (14k @ 4’31”) en vrijdag (16k @ 4’23”)  lukt het wel weer terug en loop ik telkens hetzelfde parcours, zijnde op en af naar The Shelter in Korbeek-Dijle. Hiermee kom ik aan amper 44km op vijf dagen.
    

Op zondag staat er een langere duurloop op het programma, maar moet er ook naar een veldloop gereden worden. Het zal dus een gesplitste loop worden met een deel in de voormiddag en een deel in de avond. Echt vroeg opstaan is nooit mijn ding geweest en nu al loper nog steeds niet. Mijn nuchter ochtendloopje vang ik aan rond 9u met enkel een glas water in de maag. De wegen liggen er extreem glad bij en dus moet ik wat inventief zijn en lopen langs de grote wegen. Na 50 min ben ik terug thuis en kan ik met Tobi naar de veldloop van AC Herentals rijden.

Na terugkeer van de veldloop moet ik mijn duurloop nog doen en het begint intussen al donker te worden. Met fluo vest en de nodige verlichting vertrek ik om 17u voor iets meer dan 20km. Ik probeer de snelheid voldoende hoog te houden. het blijft gelukkig al iets langer licht, maar het blijft toch vooral een donkere loop. Het wordt een zalig loopje. Met een tempo rond de 4’20″/km blijft mijn hartslag goed onder de 150 hs/min. Dit doet goed.

Het wordt dan toch nog een week van bijna 80km en met zelfs een gemiddelde van 4’25″/km. Er zijn al slechtere weken geweest.